Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 14.

Bij ontstentenis van een opvolger, krachtens een der drie voorgaande artikelen tot de Kroon geregtigd, gaat deze over op de Prinses, doorfgVbooirte tot hetHuis van Oranje-Nassau behoorende, die den laatstoverledenKoning, in de lijn der afstamming van,wijlen Koning Willem Frederik, Prins van Oranje-Nassau, het naast bestaat.

Bij gelijken graad van verwantschap heeft de eerstgegeborene den voorrang.

Is de bedoelde bloedverwante des Konings vóór Hem overleden, dan treden hare nakomelingen in hare plaats, des dat de mannelijke lijn vóór de vrouwelijke en de oudere vóór de jongere en in iedere lijn de mannelijke tak vóór den vrouwelijken, de oudere vóór den jongeren en in lederen tak mannen vóór vrouwen en ouderen vóór jongeren gaan.

Het stelsel, in deze artikelen neergelegd, gaat van de volgende beginselen uit:

1°. Opvolging bij lijnen; een oudere lijn gaat vóór een jongere.

2°. Er is, behalve in art. 12, representatie. Representatie wil zeggen: de nakomeling treedt in de plaats van dengene, die op het oogenblik van het openvallen van de Kroon reeds overleden is.

3°. Mannen gaan vóór vrouwen. Eerst wanneer geen mannen uit mannen (agnaten) meer aanwezig zijn, komen vrouwen aan de beurt.

Men kent ten opzichte van de troonopvolging van vrouwen 3 stelsels:

a de Salische wet: de vrouwen zijn geheel uitgesloten (Pruisen, Zweden, Denemarken, enz.).

b het Castiliaansche stelsel; vrouwen staan slechts

Sluiten