Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft ieder van die menschen, juist als wijzelf, zijn eigenaardigheden — ieder heeft zijn eigen steen, waaraan hij zich stoot, waarover hij struikelt. Botsingen zijn daarvan het gevolg — en botsingen zijn niet aangenaam en in de meeste gevallen niet nuttig. Van het levensgeluk — en op levensgeluk dienen we zuinig te zijn — plegen zij een groot deel te verwoesten.

Nu is het wel waar, dat wij niet in de eerste plaats elkanders opvoeders behoeven te zijn. Maar laten wij dat dan wezen in de tweede plaats en derhalve de blokken zooveel mogelijk wegnemen, waarvan we vooraf kunnen berekenen, dat een medeménsch zich er aan stooten zal. Indien niet uit menschenliefde, dan althans uit eigenbelang. Wie tegen de zwakheden zijns naasten ingaat, bereidt zichzelf uren, dagen en jaren van leed en maakt dien naaste ook niet beter. Maar wie hem in zijn zwakheden tegemoet komt, hem de ergernissen uit den weg neemt, die voorkomt veel kwaad — en maakt hem daarenboven beter. Zijn slechte hoedanigheden worden niet aan het werk gezet. Daardoor worden zij al zwakker en zwakker — eindelijk verdwijnen zij: atrophie.

En in nóg wijder cirkel dan in dien van ons gezin en van onzen werkkring kan de wet, die wij bespreken, worden toegepast. Ik denk aan de zedelijke verbetering van de menschheid. Weidenkenden sluiten zich aaneen om krijg, te voeren tegen de zonden des volks. Het

Sluiten