Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geeft hem Uw ring lijk gij Uw vader zwoert,

Opdat aant koninklijk geslacht de heldenstam versnoert.

(alle ridders steken het zwaard hoog, en juichen, „Hosanna/"

Walther is inmiddels zichtbaar geworden, en houdt zich ontdaan schuil

achter Reinout Palster, op wien Herzeloude schuchter toetreedt).

Reinout Palster:

O, hooge Koning, O, edele Herzeloud,

Ontroering plengt mijn dankend woord met tranen

Dat het den klank der eigen stem niet trouwt;

En toch, dat gij mijn werk zoo maatloos hoog gingt wanen

Beklemt mijn ziel, daar vrees ik diepen val!

Ge stelt mijn doen te hoog. Ik heb als Christ-vazal

Het zwaard gezwaaid, niet stouter dan deez' heeren.

Ook hun mijn dank, schoon zij ook over-eeren

De plicht eens Tempeliers.

(knielt voor Herzeloude). O, edel vorstenkind Mijn lieve plegezuster, hoe lees ik van Uw bemind Gelaat de treurnis om den dood uws vaders! Mocht ik U troosten met de echtentrouw; Eilaas — ik heb gezworen — Viola Herzelou' — Des priesters eed van nooit in echt te leven —

Koning Amfortas:

Hoe ? Zoo zijt gij nu van dieën eed ontheven Door dit mijn woord

Reinout Palster (opstaand).

Helaas, door een geheim Dat zelfs mijn Koning 'k niet mag zeggen, En mij in doodesband heeft leggen,

Sluiten