Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Een mooije doode !" „En dat in de hondsdagen !" Zulke trekjes van leukheid zijn er nog al te vinden in het boek. .

6. Hollandse Leukheid.

Het woordje leuk is een der meest speciaal-Hollandse woorden, die er zijn. Ik denk niet dat het in enige taal ter wereld is te vertalen. In de stoffelike betekenis wordt het nog wel gebruikt in sommige streken ; men zegt daar, dat het water leuk is, namelijk lauw, nog verre van de kook.x)

In de Pastorie wordt gezegd : „De menschen zijn hier wel koel. Dat is geheel onze landaard, en onze klei vooral is koud." Maar „koud" is wat overdreven ; „lauw", dat is beter. Ik wil daar geen kwaad van zeggen ; het is goed, dat er ook kalme individuen en volkeren zijn. En de echte Hollandse leukheid is mij bizonder lief. Waar ik ze zie en hoor, in het Leven en in de Literatuur, daar heb ik een intiem plezier, net alsof ik bij neven en nichtjes een aardige familietrek vind in 't karakter of in 't gezicht, die mij herinnert aan mijn vader en moeder die dood zijn, en aan mijn grootvader en aan gestorven ooms en tantes, kortom, waar ik mezelf in zie en voel.

Zie een Hollandse boer op de markt. Hij wil een paard kopen. Hij heeft er eentje op 't oog, dat hem bizonder bevalt. Hij vlamt van begeerte, aan de binnenkant namelik, om 't te hebben. Maar de verkoper mag er niets van merken. Zie dat boertje met onverschillig gezicht staan kijken naar het paard. „Nee, nee ; 't is eigelik niks voor hem." Hij keert het de rug toe, en loopt verder. Maar hij houdt het in 't oog, uit de verte, en, kalm slenterend, keert hij terug, want hij moet het hebben, en hij meent, dat die andere boer daar, er ook zin in heeft.

Dat is leukheid in een meer bekende betekenis. Het is nu : rustigheid, getemperdheid. En als wij dit begrip nu

') Een oudere betekenis was: mat, flauw, traag. Zie Dr. Franok, Etymologisch Woordenboek, i.v.

Sluiten