Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'n Kwartiertje later tippelde Lies — met 'n klein, vroolijk sprongetje nu en dan — naar huis. Heel haar gang gaf haar opgeluchte gemoedsstemming weer.

't Was toch maar goed, bij die engel te zijn binnengegaan.

De thee echter, die ruim een half uur op het lichtje gestaan had, die was niet om uit te drinken geweest, zoo bitter.

Brrr Liesje's heele gezichtje lachte, 'n Klein puntje

van haar tong wipte even schelmsch naar buiten. O! Jé! Die tante; wat 'n vergeetachtige schat!

Nè het eten — waaronder ze haar huisgenooten, moeder, vader en een huisvriend, door den „zwarten" bril bezag, want het enge domineerde nog heel sterk in haar kinderziel en kinderlijf, vloog ze de trap op, naar haar kamertje. Daar hing. de Maria.

Wat had ze dit altijd prachtig gevonden, dit geschenk van moeke.

Die had 't ook over de plaat.

— Of ze wel gelet had — op — het zachte ja en

dan nog een woord in het Moedergelaat.

Het meisje ging er op een stoel voor zitten, ziende,

en toch niet bewust ziende Almaar verwerkte ze de

woorden, die nog bleven hangen in haar opgewonden hoofdje. O! 't Was misschien wel mooi, maar moesje kon het enge — griezelige — toch niet wegpraten, hoor!

Beslist niet.

Maar als zij, tante Lize. dat zoo prettig vond

't Kwam als een bliksemflits:

Sluiten