Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik woonde in Madrid in het huis van een adelijken heer, bij wie ik in dienst was. Ik diende hem niet als een meester, maar als een bloedverwant. Hij had een eenigen zoon, zijn erfgenaam, en omdat ik familie was en wij beiden van dezelfden leeftijd waren en van hetzelfde karakter, behandelde deze mij met groote vriendschap en vertrouwelijkheid. Nu gebeurde het, dat die jonge edelman verliefd werd op een voornaam meisje, dat hij graag tot zijn vrouw zou hebben gemaakt, wanneer hij niet, als goede zoon, zijn wil had moeten onderwerpen aan die van zijn ouders, die voor hem een schitterender huwelijk verlangden. Maar toch diende hij haar en hield het veroorgen voor de oogen van allen, wier tong zijn verlangens aan het »cnt zou kunnen brengen; alleen

12*

Sluiten