Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5. Bij geheele ontstentenis van mannelijk oir wordt de Souvereiniteit geërfd bij de dochters of derzelver nakomelingen, op gelijke wijze als voren.

6. Bij ontstentenis van nakomelingschap uit den tegenwoordigen Souvereinen Vorst, Prins Willem Froderik van Oranje-Nassau, vervalt de Souvereiniteit aan Deszelfs Zuster, Prinses Frederika Louisa Wilhelmina van Oranje, Douarière van wijlen Carl George August, Erfprins van Brunswijk Lunenburg of Hare wettige nakomelingen uit zoodanig nader huwelijk, als door Dezelve ingevolge art. 2 mogt worden aangegaan.

7. Indien ook de wettige nakomelingschap van deze Vorstin ontbreekt, zal het erfregt overgaan op het wettig maimelijlr. oir van Prinses Carolina van Oranje, zuster van wijlen Prins Willem den Vijfden en Gemalinne van wijlen den Prins van Nassau - Weilburg, insgelijks bij regt van eerstgeboorte en representatie.

8. Wanneer bijzondere omstandigheden eenige verandering in de Erfopvolging mogten noodzakelijk maken, is de Souvereine Vorst bevoegd daaromtrent eene wet aan de Staten-Generaal voor te dragen.

9. Ingevalle er geen bevoegde Erfopvolger volgens het tot nu voorgestelde mogt bestaan, zal de regerende Vorst verplicht zijn een opvolger aan de Staten-Generaal voor te dragen.

10. De Staten-Generaal, deze voordragt goedgekeurd hebbende, zal de Souvereine Vorst als dan dien opvolger ter kennisse van den voBie brengen, op de wijze waarop alle andere wetten worden gepromulgeerd.

11. Indien door onvoorziene omstandigheden zulk een opvolger niet mogt benoemd zijn vóór het overlijden van den regerenden Vorst, zullen de StatenGeneraal eenen opvolger benoemen, uitroepen en aan den Volke bekend maken.

12. De Souvereine VorBt geniet een jaarlijksch inkomen van vijftienmaal honderd duizend gulden, op de wijze bij de twee volgende artikelen bepaald en er wordt wijders een behoorlijk zomer- en winter-verblijf voor Hem in gereedheid gebragt en onderhouden.

13. Bij de wet kan worden bepaald dat aan den Souvereinen Vorst, des verkiezende, tot gedeeltelijke voldoening van het gemelde jaarlijksch inkomen, in

Sluiten