is toegevoegd aan uw favorieten.

Justijn de Martelaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat zij noch een zelfstandigheid is, noch een bepaald iets, noch iets bestaands.

Gehjk de stof gedaanteloos is, zoo is ook de gedaante onstoffelijk. Maar als de stof en hare gedaanteloosheid twee beginselen zijn, dan zijn ook de gedaante en hare onstoffehjkheid twee beginselen. Als dan nu de beginselen vier (in getal) zijn, hoe was het dan mogehjk, dat er slechts drie gesteld werden ?

6. Uit hetzelfde boek.

Denn wir sagen, Stoff und Entblösst-sein sei verschieden unjl das eine von diesen, namlich der Stoff, sei nur je nach Vorkommniss ein Nicht-seiendes, das Entblösst-sein hingegen sei an und für sich ein Nicht-seiendes, und ferner dus eine, namlich der Stoff, sei beinahe und gewissermasse schon Wesen, das Entblösst-sein dagegen in kèinerlei Weise ; Jene hingegen nehmen als Stoff, das Nicht-seiende, namlich ïhr „Gross und Klein", sei es beides zusammen oder auch jedes besonders, ganz in der gleichen undistinguirten 'Weise, so dass diese Art der Dreiheit ganz und gar verschieden von jener unsrigen ist1).

Indien aan de stof (eigen) is bij geval een niet-bestaand iets te zijn, dan is het duidehjk dat bij geval de stof noch stof is, noch een beginsel. Het (eigenaardige) van een bestaand iets toch is stof te zijn en een beginsel te zijn. En indien het aan de stof (eigen) is van wege de negatie bij geval een niet-bestaand iets te zijn, dan is het duidehjk dat zij bij geval een bestaand iets is vanwege de gedaante. Het zal derhalve aan de stof (eigen) zijn op zichzelve nooit een bestaand iets te zijn, doch bij geval altijd, nu eens een niet-bestaand iets te zijn, en dan weer een bestaand iets te zijn. Hoe zou het dan niet ongerijmd zijn te beweren dat ten naasten bij. een zelfstandigheid is,, en op eenigerlei wijze een zelfstandigheid, wat nooit op zichzelf een bestaand wiezen is ? Indien stof te zijn het eene is en stof van iets te zijn iets anders,

>) 1 9 p. 192 (p. 19); Pr. vert. S. 49.