is toegevoegd aan uw favorieten.

Ornithologia Neerlandica

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Orde PASSERIFORMES. Familie FRINGILLIDAE.

N°. 340.

Loxia curvirostra Linnaeus.

DE KRUISBEK.

Plaat 379: oud 6, oud $, jong c? en jong ?.

„ 380: oud den 3 jonge dó in overgangskleed.

Loxia curvirostra Linnaeus, Syst. Nat. ed. X, 1758, p. 171. Nozeman en Sepp, Ned. Vog. III, 1797, p. 221, pl. 114. Temminck, Man. d'Orn. 1815, p. 195. Id. id. 2e éd. I, 1820, p. 328, III, 1835, p. 242. Schlegel, Vog. van Ned. 1854—58, p. 351, pl. 176 en 177. Id. Nat. Hist. van Ned. Vog. 1860, p. 132, pl. 17, fig. 7, 8 en 9. Albarda, Aves neerl. 1897, p. 17. Van Oort, Notes Leyden Mus. XXX, 1908—'09, p. 211.

Loxia curvirostra curvirostra, Snouckaert van Schauburg, Avif. neerl. 1908, p. 16. Id. Jaarber. no. 5 Club nederl. vogelk. 1915, p. 69. Van Oordt en Verwey, Voorkomen en trek Ned. vogelsoorten, 1925, p. 92. Hens, Avif. Limburg, 1926, p. 42.

Nederlandsche volksnamen: Kruisvink, Dennenpapegaai, Kruiskanarie; bij Oirschot: Scheervink. Friesch: Krüsbek, Krüssnaffel (de Vries).

Engelsch: Common Crossbill.

Duitsch: Fichtenkreuzschnabel.

Fransch: Bec-croisé ordinaire.

Beschrijving. Oud cf. Voorhoofd, bovenkop, achterhoofd, achterhals, rug, stuit, bovenstaartdekvederen, kin, keel, voorhals, halszijden, borst, buik en lichaamszijden donkerder of lichter rosékleurig scharlakenrood, het lichtst op stuit, bovenstaartdekvederen, borst en buik, het donkerst, meer bruinachtig getint, op rug en schouders, vederen van bovenkop, soms ook van borst, met min of meer duidelijke lichte centra, oordekvederen donkerbruin, min of meer rood getint, met grauwwitte schachten, teugels donkerbruin; benedenbuik en anaalstreek grauwwit; slagpennen zwartbruin met

zeer smallen roodachtig grauwen zoom langs de buitenvlag, zeer smallen grauwwitten eindzoom en breederen grauwwitten zoom langs de binnen vlag; bovenvleugeldekvederen donkerbruin, kleine en middelste roodachtig gezoomd, zelden hebben de mid delste en de groote bovenvleugeldekvederen breede witte of soms roodachtige eindzoomen ; ondervleugeldekvederen lichtgrauw, de langs den vleugelrand gelegene rood getint; okselvederen grauwwit, rood getint; staartpennen donkerbruin met zeer smallen

roodachtigen of geelachtigen zoom langs de buitenvlag; langste bovenstaartdekvederen donkerbruin, roodachtig of geelachtig gezoomd; onderstaartdekvederen grijswit, min