Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan slechts zijn, en wij laten dan slechts met ons doen in de groote wereldrevolutie.

Maar nu, — God heeft zijn Zoon niet gespaard. Hij heeft zijn Zoon gegeven; — alzoo lief heeft God de wereld gehad.

God heeft zijn Zoon in de wereld overgegeven, tot den dood, ja den dood des kruises. Dit is de daad Gods in de wereld, de daad van Gods liefde, van de eeuwige ondoorgrondelijke ontferming en wijsheid Gods. Maar hiermee is deze daad Gods ook beslissend over de wereld en over al haar tijden en eeuwen.

God heeft zijn Zoon overgegeven voor ons, voor ons allen, — zoo juicht het Woord Gods over de geloovigen in Christus Jezus; en zoo juichen zij mede met het Woord Gods.

Voor ons is die gifte, die overgave van den Zoon van God.

Hierin is de beslissing over ons leven in deze wereld. Hiermee hangen aan ons leven ontwijfelbaar het lot en de toekomst der wereld.

Met Hem, met den Zoon, schenkt God ons uit de bron zijner ontferming alle alle dingen, die tot de uitvoering van zijn Raad, tot het leven en de zegepraal der Gemeente van Christus noodig zijn.

Alle dingen zijn uwe, — doch gij zijt van Christus!

O, zoo slechts dit ééne ons leven zij: van Christus te wezen, — dan zegepralen wij.

Zoo God vóór ons is, — wie zal tegen ons zijn?

WIE ZAL BESCHULDIGING INBRENGEN?

Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? God is het, die rechtvaardig maakt. Wie is het, die verdoemt? Christus is het, die gestorven is; ja wat meer is, die ook opgewekt is; die ook ter rechter [hand] Gods is; die ook voor ons bidt.

Romeinen VIII : 33—34.

„God is vóór ons! — wie zal tegen ons zijn!" — zoo mogen de geloovigen in den Heere Jezus Christus in deze wereld juichend roemen.

„God is vóór ons!" Hij heeft ons van eeuwigheid geliefd en verkoren, en met onze roeping staan onze rechtvaardiging en onze ver-

Sluiten