Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle volken vergaderd worde, en opdat zoo de Gemeente des Heeren en Zijn verbond in de vergadering der geloovigen besta en zich daarnaar in haar uitwendige openbaring wijzige.

Zoo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods, door Zijn Evangelie en door Zijn lastgeving.

Hebben zij het niet gehoord het Woord Gods met het Evangelie van den Heere Jezus Christus? Dit is nu de vraag, die voor de roeping van de geslachten der volken tot de Gemeente Gods beslist; die beslist over hun roeping, waaraan zij door het geloof zullen moeten beantwoorden, om in de Gemeente des Heeren te bestaan en in hun God en Zaligmaker behoudenis te vinden.

„Hebben zij het niet gehoord?" Zoo hebben de gezanten van Christus en al Zijn geloovigen daarom immer te vragen; en zij hebben te ijveren, om de roeping Gods met Zijn Woord door het Evangelie tot de einden der aarde uit te brengen, en haar in de geslachten, die vervreemd van Gods Woord geboren worden, door te doen dringen.

Bij die vraag leeft de heilige apostel dan ook; en zijn ziel is vervuld van heilige begeerte, om altoos voortgaande overal, waar Christus niet gekend is, het Evangelie te prediken en de Gemeente des Heeren in de geloovigen en hun huis te vergaderen.

En dan juicht hij in Rome over de prediking des Evangelies onder de Heidenen, in Oost en West, nu, met de woorden van den 19en Psalm: Ja toch, hun geluid is over de geheele aarde uitgegaan, en hun woorden tot de einden der wereld.

Die 19e Psalm roemt over de sprake der openbaring Gods in de Schepping des Heeren, die zich over al wat mensch is op aarde uitstrekt; maar zij roemt daarbij het Woord Gods in Zijn bizondere openbaring, waardoor pas de waarachtige kennis des Heeren zaligmakend doordringt.

Nu gaat met het Evangelie van den Heere Jezus Christus door den apostolischen dienst dit Woord Gods tot de einden der aarde door, van waar de zon in 't Oosten rijst tot waar zij daalt in 't Westen.

En Oud-Israël dan? Heeft Israël niet dit Woord Gods ontvangen, dat thans onder de Heidenen triumfeert? Heeft Israël dit Woord Gods niet verstaan, niet gehoord, niet geweten? Heeft juist Israël dit Woord Gods niet ontvangen van ouds en de eeuwen door gedragen? Heeft Israël niet ontvangen de Wet en den dienst van God, de belofte en de Profetie, de vaders van ouds en den Christus in de volheid des tijds, en de roeping des Evangelies allereerst. Is Israël niet immer door het licht des Heeren omschenen, in dit licht gehuld? Heeft de Profetie niet uit en voor Israël gelicht naar de einden der aarde heen? Is de Christus niet gezonden tot de verloren schapen van het Huis

Sluiten