Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verontwaardiging van hem meester. Hij haalde de schouders op, en bromde wrevelig:

— Dood... moet men daarom nu dood?... als ik...

— Het bad is klaar, mijnheer, zeide de bediende.

Golder bleef alleen achter, ging naar de badkuip toe, doopte de hand in het water, hield haar erin; al zijn bewegingen waren buitengewoon langzaam en onbestemd, onaf. De koude van het water drong ijzig in zijn vingers, zijn armen, zijn schouder, maar hij verroerde zich niet, keek met gebogen hoofd domweg naar het schijnsel van de electrische peer aan het plafond, dat schitterend bewoog in het water.

— Als ik..., herhaalde hij.

Oude vergeten herinneringen kwamen duister en vreemd uit het diepst van zijn ziel op... Heel dat harde, heen en weer geslingerde, moeilijke bestaan. Vandaag rijk, morgen niets. Dan opnieuw beginnen... En weer opnieuw beginnen... O ja, zeker, als hij dat had moeten doen, vroeger jaren... Hij richtte zich weer op, schudde werktuigelijk zijn vochtige hand, ging tegen het venster leunen, beurtelings zijn ijskoude handen in het warme zonlicht houdend. Hij schudde het hoofd, zeide hardop: „Ja zeker, in Moskou bijvoorbeeld, of in Chicago..." En zijn in mijmerin-

Sluiten