Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In zijn kamer stond Herman Coene voor zijn tafel en keek droomend voor zich naar den muur. De nachtlucht had hem wat opgefrischt. Gedachteloos trok hij zijn uurwerk uit zijn vestzakje en wond het op. Minuten lang bleef hij zoo staan. Dan zuchtte hij opeens, ging naar het kleine bureau in den hoek van de kamer bij het raam, trok een lade open en nam er iets uit. Het was een gewone ansichtkaart. Daar stond niets anders op dan zijn adres, in potlood geschreven, en links daarnaast een naam: Elza. En hij drukte de kaart tegen zijn wang en sloot de oogen.

Sluiten