Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doorheen. Daar beneden schreeuwen haar twee mannen toe, slaan zich op de borst alsof ze zich van iets betichten. O nee, de bedoeling van elk der beiden is alleen maar, dat Charlotte, indien ze aan wal geroeid mocht willen worden, zich aan hèm zal toevertrouwen. Beiden tegelijk schikken het mooie kleedje op het achterbankje, - daarop zal de juffrouw komen te zitten.

Charlotte kent dat nu. Gelukkig, de meester zou mee gaan! Maar twéé booten hebben ze niet noodig. Zij weet niet hoe de arme kerels bedot zijn, die zich nu steeds heftiger op de borst slaan en soms bevelend, dan weer lokkend op het mooie kleedje wijzen, dat over de achterbank ligt uitgespreid. „Miss... miss...! Chk! Chk! Take my boatl Werrry good boat! No good, no money!"

'n Reëel aanbod: indien blijken mocht, dat de boot met goed is, hoeft de juffrouw niet voor de overtocht te betalen. Maar ook al is de boot nog zoo goed, - Charlotte is niet zoo dol meer op havenvaartjes. De hofmeester brengt haar de koffie, grinnikt: „Wat zullen ze kijken als we straks aan de kaai meren!"

„Weet u zeker, dat we aan de kade komen te liggen?^

„Vast, juffrouw: de heele lading moet 'r hier immers uit."

Nu krijgt Charlotte medelijden met de hoopvollen daar beneden en tracht hun te beduiden, dat van hun diensten geen gebruik gemaakt zal worden. Eerst door staag neenknikken, tenslotte door, wat hulpeloos, omlaag te roepen: „No! No boat! Really notl"

„Oh yes! Oh yes, boatl" schreeuwen ze uit de diepte terug. Ze laten zich niet misleiden!

Vóór, op de bak van de Medusa, hangen de janmaats en stokers over de reeling en houden met 'n strak gezicht zeven vingers op. .

Tot ontzetting van Charlotte en -met minder - van de beide roeiers, komt er nog 'n derde bootje opdagen. Met woedend geschreeuw wordt de nieuw-aangekomene ontvangen, die, zwaargebouwd, z'n roode fez zorgeloos achter op het hoofd, rustig naderbij roeit, alle minder vriendelijke wenschen en verzekeringen langs zich heen laat waaien, 'n gelouterde, ietwat bovenaardsche glimlach om de lippen. Plotseling echter schijnt één woord hem toch al te gepeperd

Sluiten