Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE BOEK.

CAPUT XXXVIII. HOOFDSTUK XXXVIII.

Wonderbare genezing van Ezechias

1. In diebus illis aegrotavit Ezechias usque ad mortem: et introivit ad eum Isaias filius Amos propheta, et dixit ei: Haec dicit Dominus: Dispone domui tuae, quia morieris tu, et non vives. IV Reg. XX ï; II Par. XXXII 24.

2. Et convertit Ezechias faciem suam ad parietem, et oravit ad Dominum,

3. Et dixit: Obsecro Domine, memento quaeso quomodo ambulaverim coram te in veritate, et in corde perfecto, et quod bonum est in oculis tuis fecerim. Et flevit Ezechias fletu magno.

4. Et factum est verbum Domini ad Isaiam, dicens:

5. Vade, et die Ezechiae: Haec dicit Dominus Deus David patris tui: Audivi orationem tuam, et vidi lacrymas tuas: ecce ego adjiciam super dies tuos quindecim annos

6. Et de manu regis Assyriorum eruam te, et civitatem istam, et protegam eam.

7. Hoe autem tibi erit signum a Domino, quia faciet Dominus verbum hoe, quod locutus est:

») Hetgeen in dit en in het volgende hoofdstuk verhaald wordt, gebeurde vóór den inval en de nederlaag der Assyriërs, waarvan de twee vorige hoofdstukken spreken. Het wordt hier buiten de volgorde der feiten medegedeeld als de historische inleiding tot het Tweede Boek. Zie de Inleiding bi. 17 en 19. In die dagen is derhalve eene vage tijdsbepaling; bedoeld is «het veertiende jaar»

(v. 1—8). Zijn lofzang v. 9—20).

1. In die dagen1) werd Ezechias doodelijk ziek, en Isaias, de zoon van Amos, de profeet, trad tot hem binnen en zeide tot hem: Dit zegt de Heer: Beschik over uw huis, want gij zult sterven en niet leven.

2. En Ezechias keerde zijn aangezicht naar den muur en bad tot den Heer

3. en zeide: Ik smeek U, Heer, gedenk toch, hoe ik voor U gewandeld heb in getrouwheid en met een volmaakt hart, en wat goed is in uwe oogen, gedaan heb. En Ezechiae weende met groot geween.

4. En het woord des Heeren geschiedde tot Isaias2), zeggende:

5. Ga en zeg aan Ezechias: Dit zegt de Heer, de God van David, uwen vader: Ik heb uw gebed gehoord en uwe tranen gezien; zie3), Ik zal aan uwe dagen vijftien jaren toevoegen.

6. En uit de hand van den koning der Assyriërs zal Tk u redden en deze stad, en Ik zal haar beschermen*).

7. Dit nu zal voor u het teeken zijn vanwege den Heer, dat de Heer dit woord zal volbrengen, hetwelk Hij gesproken heeft:

van XXXVI 1, omstreeks 713 v. Chr.

') Uitvoeriger IV Reg. XX 4.

*) Vooraf ging de belofte van genezing «binnen drie dagen» IV Reg. XX 5.

*) «om mijnentwille en om wille van David, mijnen dienstknecht» IV Reg XX 6. — Daarop geschiedde, wat hier beneden v. 21, 22 verhaald wordt. Aldus is het zinverband volgens IV Reg. XX 7, 8.

Sluiten