Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

17. Israël saivatus est in Domino salute aeterna: non confundemini, et non erubescetis usque in saeculum saeculi.

18. Quia haec dicit Dominus creans coelos, ipse Deus formans terram, et faciens eam, ipse plastes ejus: non in vanum creavit eam: ut babitaretur, formavit eam: ego Dominus, et non est alius.

19. Non in abscondito locutus sum in loco terra? teaebroso: non dixi semini Jacob: Frustra quasrite me: ego Dominus loquens justitiam, aimuntians recta.

20. Congregamini, et venite, et accedite simul qui salvati estis ex gentibus: nescierunt qui levant iignum scu'pttira? suae, et rogant deum non saivantem.

21. Annuntiate, et venite, et consiliamini simul: quis auditum fecit hoe ab initio, ex tune praedixit illud? numquid non ego Dominus, et non est ultra Deus absque me? Deus justus, et salvans non est prseter me.

22. Gonvertimini ad me, et salvi

17. Israël wordt verlost door den Heer met eeuwige verlossing; niet beschaamd en niet schaamrood zult gij worden in alle eeuwigheid15).

18. Want dit zegt de Heer,_ de Schepper der hemelen — Hij is God — de Formeerder der aarde en haar Maker — Hij is haar Boetseerder; niet om ledig te zijn heeft Hij haar geschapen, om bewoond te worden heeft Hij haar ingericht1*) —: Ik ben de Heer en er is geen andere.

19. Niet in het verborgen heb Ik gesproken, in een duisteren hoek der aarde; Ik heb niet gezegd tot het zaad van Jacob: Zoekt Mij vergeefs; Ik, de Heer, spreek gerechtigheid en kondig aan wat recht is17).

20. Verzamelt u en komt en treedt toe te gader, gij die van de volkeren ontkomen zijt! Onverstandig zijn zij, die het hout van hun gesneden beeldwerk dragen en bidden tot eenen god, die geen heil schaft18).

21. Doet kondschap en komt en beraadslaagt met elkander! Wie heeft zoo iets doen hooren van den beginne, heeft dat voorlang voorspeld1') ? Ben De het niét, de Heer? En anders is er geen God behalve Ik; een gerechte en heil schaffende God is er niet buiten Mij!

22 Bekeert u tot Mij en gij zult heil

") Met eeuwige verlossing, die in hare werking en in hare vruchten eeuwigdurend is. Niet beschaamd enz., gelijk het vroegere Israël om zijne zonden. , ,

") Alvorens het nu volgende woord van God aan te halen, beschrijft de profeet Gods almacht, welke de vervuiling der beloofde verlossing waarborgt. Niet om ledig te zijn enz., vol-

fens eenigen wordt dit gezegd van alestina, dat niet voor immer ledig, van zijne bewoners verlaten zal blijven. Waarschijnlijker echter is er sprake van de geheele aarde met eene zinspeling op haren oorspronkelijk woesten toestand, zie Gen. I 1, 2. ") Niet in het verborgen, in donke¬

re holen, naar de wijze der heidensche orakels. God liet zich niet vergeefs, niet nutteloos zoeken of ondervragen aangaande de toekomst. Gerechtigheid beteekent hier wat overeenkomstig het recht is of de waarheid; recht, d. i. niet dubbelzinnig Vgl. Joan. XVIII 20.

18) Vgl. Xlil \. Ontkomen aan het godsgericht, dat Cyrus voltrekken zal; vgl. XLI 25. Hierdoor voorbereid tot net ontvangen van de ware godakennis, zullen zij weldra inzien wat in het tweede verslid wordt uitgesproken. Dragen in plechtige optochten; zie

X")7IZie XLI 23, 26; XLII 9; XLIII 9, 10; XLIV 7.

Sluiten