Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

phoniam sacerdotem secundum: et tres custodes vestibuli.

25. Et de civitate tulit eunuchum unum, qui erat praepositus super viros bellatores: et septem viros de his, qui videbant faciem regis, qui inventi sunt in civitate: et scribam principem militum, qui probabat tyrones: et sexaginta viros de populo terras, qui inventi sunt in medio civitatis.

26. Tulit autem eos Nabuzardan magister militiae, et duxit eos ad regem Babylonis in Reblatha.

27. Et percussit eos rex Babylonis, et interfecit eos in Reblatha in terra Emath: et translatus est Juda de terra sua.

28. Iste est populus, quem transtulit Nabuchodonosor: In anno septimo Judseos tria millia et viginti tres:

29. In anno octavodecimo Nabuchodonosor de Jerusalem animas octingentas triginta duas:

30. In anno vigesimotertio Nabuchodonosor, transfulit Nabuzardan magister militia» animas Judseorum septingentas quadraginta quinque: omnes ergo animas, quatuor millia sexcentas.

ter, en Sophonias, den tweeden priester, en de drie bewakers van het voorportaal*0).

25. En uit de stad nam hij eenen hofbeambte, die het opzicht had over de krijgslieden, en zeven*1) mannen uit hen, die bet aangezicht des konings zagen**), die in de stad gevonden werden, en den oppersten schrijver der soldaten*3), die de nieuwelingen keurde, en zestig mannen van het volk des lands, die binnen de stad gevonden werden.

26. En hen nam Nabuzardan, de overste der krijgsmacht, en voerde hen naar den koning van Babyion te Reblatha.

27. En de koning van Babyion sloeg hen en doodde hen te Reblatha in het land Emath. En Juda werd weggevoerd uit zijn land*4).

28. Dit is het volk, dat Nabuchodonosor heeft weggevoerd: In het zevende jaar drie duizend en drie en twintig Judeërs.

29. In het achttiende jaar van Nabuchodonosor, uit Jerusalem, achthonderd twee en dertig zielen.

30. In het drie en twintigste jaar van Nabuchodonosor voerde Nabuzardan, de overste der krijgsmacht, van de Judeërs weg zevenhonderd vijf en veertig zielen; alle zielen te zamen dus vier duizend zeshonderd»).

") Volgens IV Reg. XXV 18 «deurwachters».

") In TV Reg. XXV 19 «vijf».

") d. i. Uit zijne vertrouwdste raadslieden.

*•) Volgens IV Reg. XXV 19: «en den sopher, den legeroverste».

") De slotzin En Juda enz. staat niet in de Septuag.

") Het bericht van v. .28—30 ontbreekt in de Septuag. en is moeilijk overeen te brengen met de overige berichten aangaande het getal weggevoerden naar Babylonië. De wegvoering van v. 28 in het zevende jaar van Nabuchodonosor kan geen andere zijn dan die onder Joachin in 597; doch in IV Reg. XXIV staat in v. 12 «het

achtste jaar» en is in v. 14 het getal weggevoerden veel aanzienlijker. In v. 29 is de wegvoering bij den val van Jerusalem onder Sedecias bedoeld in 587; doch in IV Reg. XXV wordt in v. 8 «het negentiende jaar» aangegeven, evenals hierboven v. 12; bovendien is het opmerkelijk, dat hier v. 29 alléén die uit Jerusalem genoemd zijn, hoewel uit IV Reg. XXV 11 (vgl. Jer. XXXIX 9; XL 1; LH 15) blijkt, dat een aanzienlijk getal uit het overige Juda is weggevoerd. De wegvoering, waarvan in v. 30 sprake is, wordt nergens anders vermeld en was waarschijnlijk de straf voor den moord van Godolias. — Dit geheele bericht v. 28—30 is zeer waarschijnlijk door

Sluiten