Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

10. Et aspiciet inimica mea, et operietur confusione, qua) dicit ad me: Ubi est Dominus Deus tuus? Oculi mei videbunt in eam: nunc erit in conculcationem ut lutum platearum.

11. Dies, ut sedificentur maceriae tua): in die illa longe fiet lex.

12. In die illa et usque ad te veniet de Assur, et usque ad civitates munitas: et a civitatibus munitis us.que ad flumen, et ad mare de mari, et ad montem de monte.

13. Et terra erit in desolationem propter habitatores suos, et propter fructum cogitationum eorum.

14. Pasce populum tuum in virga tua, gregem hereditatis tuae habitantes solos in saltu, in medio Carraeli: pascentur Basan et Galaad juxta dies antiquos

15. Secundum dies egressionis tua) j de terra .Egypti ostendam ei mirabilia.

10. En mijne vijandin zal het aanzien en zal bedekt worden met schande, zij die tot mij zegt: Waar is de Heer, uw God«)? Mflne oogen zullen op haar neerzien; nu zal zij worden tot vertreding als het slijk der straten.

11. (Er? komt) een dag, dat uwe muren gebouwd worden: op dien dag zal de wet verre wijken13).

12. Op dien dag zal men en tot u komen van Assur, en tot aan de versterkte steden; en van de versterkte steden tot aan den stroom, en tot de zee van de zee, en tot het gebergte van het gebergte14).

13. En Tiet land zal zijn tot eene woestenij om zijne bewoners en om de vrucht hunner gepeinzen13).

14. Weid uw volk met uwen staf, de kudde uws erfdeels, hen die wonen afgezonderd in het woud, midden op den Karmel; weiden zullen zij in Basan en Galaad als m de oude dagen18).

15. Gelijk in de dagen van uwen uittocht uit Egypteland zal Et het wonderen toonen17).

") De vijanden van Sion lasterden Jehova, als ware Hij onmachtig zijn volk te beschermen.

") Van verre begroet de profeet den dag der herstelling van Sion. Dat heil zal voltooid worden door den Messias, die de Mosaïsche wet, in zooverre zij de uitbreiding van het Rijk Gods in den weg stond, zal doen wijken. Hebr.: «op dien dag zullen de grenzen (van het Rijk Gods) verre worden uitgezet».

") Ten dage dier verlossing zal men èn tot u, o Sion, komen van Assur, waarheen de ballingen verstrooid waren, èn tot de versterkte steden van Juda. en van daar zal de aangroeiende bevolking zich verspreiden tot aan den stroom, den Euphraat, en tot de Middellandsche zee van de zee of het meer van Galilea, en tot het gebergte van den Libanon van het gebergte van Idumea. Volgens het Hebr. zal Sion het geestelijk middelpunt worden van allo vorken der aarde: «Er komt een dag, dat men tot u zal komen van Assur tot aan de steden van Egypte,

en van Egypte tot aan den stroom» (den Euphraat), en verder nog, van zee tot zee enz., d. i. van geheel de wereld (vgl. Ps. LXXI 8), zal men tot Sion komen.

") Het land van Gods volk zal, wanneer die gelukkige tijden aanbreken, tot eene woestenij zijn, de straf der «euveldaden» (Hebr.) zijner bewoners.

") Een gebed van den profeet om den zegen van den Messias, den Herder der kudde Israël's, welke afgezonderd van de heidenen zal wonen in vruchtbare oorden; die kudde zal weiden in de weilanden tusschen de wouden van den Karmel ten westen van den Jordaan, en in Basan en Galaad ten oosten. Het vers geeft een zinnebeeld der rijke genademiddelen in het Rijk Gods, dat door den Messias bloeien zal als in de oude dagen van David en Salomon.

") Op het gebed van v. 14 volgt hier het goddelijk antwoord. De wonderen der eerste verlossing zal God hernieuwen.

Sluiten