Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Is regen, - 't regent aan mijn huis Ik luister, sprakeloos en kuisch,

Naar 't hed van 't ledig leven, Dat droomend van den hemel leekt En droomend weder leven kweekt Dat mild en murmelend geruisen

Van droppelenden regen.

't Is regen, - 't regent aan mijn geest De regen wischt wat is geweest

En laat maar een gerucht van leven: Een zucht, een zweem van wat muziek, De donzen vlucht van eene wiek Voorbij, voorbij mijn stillen geest -

O - zoo te mogen sterven l

DE VROUWEN Wij komen uit duister verleden,

Uit land van ellende vandaan Hoor, hoe onze ruischende schreden

Naar 't land van de toekomst gaan!

Naar 't land, dat zooveel vrouwen zagen Aan den rand van hun horizont, -

Toekomst, die hen 't heden deed dragen Maar die geen moede voet vond.

Want strook na strook viel voor hun oogen Van die wachtende wereld af -

Tot hun brekend hart scheen bedrogen: Dat land lag achter hun graf 1

Zij zonken in de' afgrond der tijden, Naamloos in een naamloos verleên -

De weg dien zij voor óns bereidden, Gaat over hun harten heen.

Sluiten