is toegevoegd aan uw favorieten.

De landelijke arme blanken in het Zuiden der Vereenigde Staten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de zakelijke, energieke bedrijfsleider van een groote Piedmont fabriek. Het uitgroeien van handel en nijverheid heeft een sneller tempo ten gevolge dan vroeger bestond. Het oude „easygoing" is aan het verdwijnen en al is het levensrhythme nog lang niet zoo snel als in het Noorden, men „amerikaniseert" zich ook hierin.

De voormalige planters en hun kinderen mochten zich nog vaak van hun superioriteit bewust zün, met hun verarming ging natuurlijk een inboeting aan prestige gepaard en de optredende economische veranderingen hebben het overige bügedragen. Na goede kennisname van het Zuidelijk leven in de periode 1865— 1880 begint men er eigenlük aan te twü'felen of het wel zoo zeer de afschaffing der slavernij als zoodanig is geweest die de plantersklasse zulk een zwaren slag heeft toegebracht, het aristocratisch bestel heeft doen verdwijnen. Dit is wel de steeds als vanzelfsprekend gegeven verklaring, en het hjkt ketterij te dien aanzien twijfel te opperen, maar waarom had ook zonder de onvrijheid van den arbeid een landelyke aristocratie niet kunnen blijven bestaan? Gegeven een groot-grondbezit en een talrijke klasse van proletarische landarbeiders, die er door vele banden mee verbonden waren, kan men zich toch een soort van ;,gentry" voorstellen zooals Engeland en Oost-Duitschland die kennen? Vooral waar de planters de oude traditie tot steun hadden, hun bekwaamheid om als leiders van het agrarisch grootbedrüf op te treden onveranderd was gebleven, van de zy de der negers de oude onderworpenheid en eerbied, dikwijls ook de volgzame aanhankelijkheid meewerkten. Er is veel voor aan te voeren om de hoofdreden van den val der aristocratie eer te zoeken in de gevolgen van dén verwoestenden en uitputtenden oorlog, het plotselinge van de slavenbevrijding, het algemeen Zuidehjk bankroet en daarbü in mindere mate ook het langdurig republikeinsche wanbeheer dat daarop volgde. Hoe het dan ook zij, de hoogere beschaving Was in het Oude Zuiden op het land te vinden, in het tegenwoordige zetelt zü in de steden en stadjes. Daar vindt men nu de rükdomsvergaring, zü zan de plaatsen der hoogere geestehjke en materieele kuituur. De rollen van stad en land zün verwisseld.

De oude families mogen vooral op het platteland en in kleine dorpen nog veel prestige behouden hebben, naast geldbezit mag op een zekeren „social background" in het geheele Zuiden meer acht geslagen worden dan elders in Amerika, over het geheel vèrschillen nu de normen in het eerste gebied toch zooveel niet van die in de rest der Unie. De nieuwe tijd bracht niet overal