is toegevoegd aan uw favorieten.

Dr. J. H. Halbertsma

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leer meer, zuivere rede en geweten." *) Voor hem zijn de Modernen niet alleen „theoretici zonder een practische blik op de werkelijkheid," doordat ze met hun godsdienst der rede aan de menschheid „de hoogste poësie ontnemen, de poësie opwellende uit de diepten van 't menschelijk hart, uit de zedelijke natuur van den mensch," welke laatste zij „buiten de rekening houden,"3) zij zijn ook misleiders. Immers, zij „veinzen den diepsten eerbied voor de religie.... En zij blijven aan, scheiden niet, schijnen op te bouwen, terwijl ze afbreken." *) Zij „houden pinxter, paasch, opstanding, hemelvaart, waarvan zij de historische grond loogchenen."4) Maar, zegt hij sarcastisch, „de moderne theologen hebben gelijk, dat zij aanblijven als domenijs: zij hebben i° een broodje, want men betaalt hun voor de ontkenning van de waarheid der evangelische verhalen, die zij als evangelie-dienaren moesten bevestigen, en 2° sluiken zij het ongeloof in het evangelie in als predikers van het evangelie om er hun eigen evangelie voor in de plaats te stellen."5) De moderne theologie is „de godgeleerdheid tot een modeartikel verlaagd" en 't is voor Halbertsma een „bewijs, dat 't vrome godsdienstig gevoel in dit geslacht is uitgevoerd," dat die naam „moderne theologie" Zelf „geen af grijzenis (is) voor de duizenden die ze aannamen."6)

Bovenstaande bezwaren leveren een belangrijke bijdrage tot de kennis van Halbertsma's persoonlijkheid en standpunt. Dat hij tegen de hiërarchie zoo scherp positie kiest, is zeer verklaarbaar in een aanhanger der Doopsgezinde richting. Want, zooals Halbertsma het zelf uitdrukt, de Doopsgezinden kenden aan Jezus „alleen-

*) MS. 167, bl. 45. *) ld, bl. 84.

3) ld, bl. ji.

4) ld, bl. 46.

5) ld, bl. 86.

6) ld, bl. 8j.