is toegevoegd aan uw favorieten.

Dr. J. H. Halbertsma

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En hwet bistou, dead,

Foar hwaems skepter fen lead

De slaef en de keningen trilje? De léste, béste frjeon,

Dy üs oer is bleaun,

Om us soargen yn 't grêf to stiljen.

As 't alles is weiflêd,

Spriedstou üs noch in bed, Dêr w'as roazen op sliepe yn f reden;

Alle hertwounen helest' us, En de eagen bisegelst' us

Forskriemd en forwekke yn neden.

Intusschen ware het onbillijk zijn verdiensten naar deze gedichten te beoordeelen. In het proza zat zijn kracht. Wat de waarde daarvan uitmaakt, is niet de strekking, maar de pittigheid, zuiverheid en groote rijkdom van den stijl. Afgezien van Gysbert Japiks heeft Halbertsma beter dan iemand vóór hem getoond, wat een schatten van humor, wat een onuitputtelijke rijkdom aan woorden en zegswijzen er school in die veelszins geminachte, in ieder geval slecht gekende streektaal. Dat Halbersma en zijn broers op het schrijven van het Friesch een gunstigen invloed hebben gehad, staat wel vast. Het belang van hun arbeid voor hun moedertaal in de Rimen en Teltsjes is moeilijk te overschatten.