is toegevoegd aan uw favorieten.

Ariëns priester

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PASTOOR ARIËNS TE MAARSSEN.

Op 28 Augustus 1908 kwam hij te Maarssen. Eenmaal onder de rook van Utrecht gevestigd, begint de zon op zijn veel bewogen levenspad wat meer te schijnen en hier moet hij onvergetelijke dagen hebben beleefd.

Immers in 1919 werd hij benoemd tot Geheim Kamerheer van Z.H. den Paus. Toen pas kon men bemerken de talrijke vriendenschaar die zich in de loop der jaren rond hem gevormd had. Het regende gelukwensen en telegrammen. Geheel Maarssen vierde feest. Een ooggetuige, de Zeer Eerwaarde Heer Swildens schrijft hierover:

,,In zijn parochie moest die hulde openlijk en groots worden gebracht en ook door een stoffelijk bewijs moest getoond worden de hoogachting der parochianen voor hun beminden herder.

Met moeite was de pastoor ten slotte overgehaald, om de kwelling van een huldiging te ondergaan.

Maar van een geschenk was daarbij niet gesproken. Dan was alle moeite voor niets geweest. Het had zoveel moeite gekost, hem een paarse toog te doen aannemen van een vriend, die, het mag hier wel als een bijzonderheid vermeld worden, op dezelfde dag en hetzelfde uur als Dr. Ariëns begraven werd. Toen kwam de grote moeilijkheid : de keuze van het geschenk en na veel heen en weer gepraat onder de leden van het feestcomité kwam de geniale idee te voorschijn, om aan Dr. Ariëns terug te bezorgen de kelk, die bij zijn eerste H. Mis het geschenk zijner ouders was geweest en bij zijn vertrek als Kapelaan van Enschedé verkocht was, om de schulden te delgen, die hij na de opoffering van zijn bezittingen nog had te delgen.

Schulden, die gemaakt waren om Roomse fabriekers