is toegevoegd aan uw favorieten.

Ik, Claudius

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan tweeduizend. De herziene Sibyllijnse boeken sloot hij weg in een kast onder het voetstuk van Apollo’s standbeeld in den tempel, dien hij voor den God bouwde vlak bij zijn paleis op den Palatijnsen heuvel. Een merkwaardig boek uit Augustus’ eigen historische bibliotheek kwam enigen tijd na zijn dood in mijn bezit. Het heette „Sibyllijnse curiositeiten — de voorspellingen die in den originelen canon waren opgenomen, maar als vervalst zijn verworpen door de priesters van Apollo”. De verzen waren overgeschreven in Augustus’ eigen mooie handschrift, met de karakteristieke spelfouten, die hij oorspronkelijk uit onwetendheid maakte, maar die hij later handhaafde uit een soort trots. De meeste dezer verzen waren klaarblijkelijk nooit door de Sibylle gezegd, noch in extaze, noch nuchter, maar samengesteld door onverantwoordelijke personen, die zichzelf of hun huis meer luister wilden bijzetten of de families van hun rivalen wilden vervloeken door een goddelijken oorsprong te suggereren voor hun eigen fantastische voorspellingen tegen hen. De familie Claudius was, naar ik bemerkte, bijzonder sterk geweest in zulk soort vervalsingen. Toch vond ik een of twee gedeelten, waarvan de taal een respectabelen ouderdom bewees en die van goddelijke inspiratie schenen. Hun duidelijke en verontrustende betekenis had Augustus — wiens woord wet was bij de priesters van Apollo — klaarblijkelijk doen besluiten om ze niet in zijn canon op te nemen. Ik heb dit boekje niet meer. Maar ik kan mij bijna ieder woord herinneren van de merkwaardigste dezer naar alle waarschijnlijkheid authentieke voorspellingen, die geschreven was in het originele Grieks en (zoals de meeste oude gedeelten in den canon) in een ruwe Latijnse vertaling in verzen. Zij luidde :

Honderd jaar na den Punischen vloek Zal Rome slavin van een behaard man zijn,

Een harig man met weinig haar,

Man van iedere vrouw, vrouw van iederen man.

Het ros dat hij berijdt zal tenen inplaats van hoeven

hebben.

Hij zal sterven door de hand van zijn zoon,

die zijn zoon niet is,

En niet op het oorlogsveld.