is toegevoegd aan uw favorieten.

Ik, Claudius

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Geef me wat te drinken, ik heb dorst. Nee, ik ga niet vechten. Helemaal niet. Ik ben uit vissen gestuurd.

„Spreek niet in raadselen. Hier heb je wijn. Drink vlug en vertel wat er mis is. Waar ga je vissen? ’

«O, op een of ander eilandje. Ik denk dat het nog niet

uitgekozen is.”

„Wat bedoel je....?” De moed ontzonk mij en mijn hoofd duizelde.

„Ja, ik zal verbannen worden, net als mijn arme moeder.”

„Maar waarom? Wat heb je misdaan?

Geen misdaad, die officieel aan den senaat meegedeeld kan worden. Ik denk dat de omschrijving zal zijn „ongeneeslijke en voortdurende verdorvenheid.” Herinner je je dat Bedsermoen?”

„O Postuums! Heeft mijn grootmoeder ?’

„Luister goed, Claudius, want ik heb weinig tijd. Ik ben gearresteerd, maar het lukte nu zoeven twee van mijn bewakers neer te slaan en uit te breken. De paleiswacht is gealarmeerd en iedere weg om te ontsnappen afgezet. Ze weten, dat ik ergens in deze gebouwen ben en zij zullen ieder vertrek doorzoeken. Ik voelde, dat ik jou moest opzoeken, omdat ik wil, dat je de waarheid kent en geen geloof schenkt aan de beschuldigingen, die ze verzonnen hebben. En jij moet Germanicus alles vertellen. Doe hem mijn zeer hartelijke groeten en vertel hem alles net zoals ik het jou nu vertel. Het kan mij niet scheien, wat anderen van mij denken, maar ik wil dat Germanicus en jij de waarheid weten en goed over mij denken.

„Ik zal geen woord vergeten, Postumus. Vlug, vertel het mij van het begin af.

„Nu, je weet, dat ik onlangs bij Augustus in ongenade gevallen ben. Eerst begreep ik niet, waardoor, maar het bleek mij spoedig, dat Livia zijn opinie over mij aan het vergiftigen was. Hij is buitengewoon zwak, wat haar betreft. Stel je voor, dat je bijna vijftig jaar met haar samengewoond hebt, en dan nog ieder woord gelooft dat zij zegt! Maar Livia was niet de enige in dit complot. Livilla deed er ook aan mee.

„Livilla! O, wat spijt me dat!” , , , , ,

Ja je weet hoe veel ik van haar gehouden heb en hoe ik om haar geleden heb. Indertijd, zowat een jaar geleden, zei je, dat ze niet waard was, dat ik me druk om haar maakte en je herinnert je, hoe kwalijk ik je dat genomen