is toegevoegd aan uw favorieten.

Architectuur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Galerie des machines. Tentoonstellingshal te Parijs 1889v constructeur Cottancin, architect Dutert. Uit dr. S. Giedion: Bauen in Frankreich. Bauen in Eisen. Bauen in Elsenbeton

woordigde, vervangen door de moderne materialen van thans, dan zouden wij kunnen meenen dat Gautier inplaats van een reeds 60 jaar geleden begraven romanschrijver een hedendaagsche architect van de avant-garde was.

Het doet goed zulk een werk als van Giedion te bestudeeren. Niet alleen dat het het inzicht in de werkelijke waarde der verschillende elementen bij het bouwen verheldert, maar het maakt ook met één slag een einde aan het neerdrukkende pessimisme, dat de geheele 19e eeuw uitsluitend beschouwd heeft en nog beschouwt als een tijd van ondergang. Zeker zijn in de 19e eeuw oeroude waarden ten onder gegaan, bovendien zijn de economische en maatschappelijke verhoudingen uitgegroeid tot excessen die niet voor verderen voortgang vatbaar zijn, maar even zeker is het, dat de kiemen van bijna alle hoopvolle gedachten voor een betere toekomst gelegd zijn reeds vroeg in de 19e eeuw, en dat de heele betere toekomst, waarnaar wij in deze ontwrichte jaren verlangend uitzien, niet denkbaar zal zijn zonder de wonderen van den scheppenden geest der negentiende eeuw.

De architect van de 19e eeuw

In het licht van onze tegenwoordige nieuwe opvattingen, maakt de architect uit de vorige eeuw, zooals wij die in het algemeen uit de architectuurgeschiedenis leeren kennen,- een eigenaardigen indruk. Het blijkt, af en toe wel, dat ook de geschiedkundigen en aesthetici zich soms de verwarring van artistieke stroomingen en de groote maatschappelijke stroomingen en technische tendenzen, zij het slechts eenigermate, bewust geweest zijn. Zij wijden hier en daar hun aandacht op de geboorte van nieuwe technieken en produc¬

tiewijzen, maar gaan dan weer zonder den gedachtenafgrond die zij oversteken op te merken, over tot beschouwingen over neoklassisisme, neo-renaissance, neo-gothiek of over een hutspot van dit al.

Laat ons in het algemeen vaststellen, dat de typische architect van de 19de eeuw eenerzijds de groote nieuwe opgaven, die de geest van den tijd hem stelde, waarbij op geheel nieuwe wegen het uiterste van constructief kunnen gevergd werd en het uiterste van zijn vermogen zich in problemen in te denken en het uiterste van zijn scheppingskracht, niet tot zijn werk gerekend heeft, terwijl hem anderzijds, de groote opgaven van maatschappelijken aard, de brandende vraagstukken van de voorziening in algemeen menschelijke behoeften, zooals die der volkshuisvesting, die van den stedebouw en ten slotte die der woningoutillage, nog in het geheel niet bewust gesteld waren of hem slechts heel langzamerhand, geheel versluierd onder bijkomstigheden, begonnen voor te schemeren.

Opgaven van toen en opgaven van thans

Voor den typischen architect van toen bestond zijn werk uit het bouwen van functioneel en constructief vrijwel onbepaalde, maatschappelijk onverschillige bouwwerken, als groote particuliere woningen, monumentale gebouwen en dergelijke. Wat was volgens de opvattingen van dien tijd de bouw van een raadhuis of een particulier heerenhuis vergeleken bij den bouw van een moderne fabriek of kantoorgebouw of van een arbeiderswoningencomplex, en wat deed het er toe of het heerenhuis een erkertoren op het dak had, waar niemand in komen kon, of dat een museum een middeleeuwsch klooster werd of dat de lokalen in een monumentaal bankgebouw achter de architectonisch omlijste vensters donker als de nacht waren? Ik wil hier niet zeggen, dat hij het zich gemakkelijk maakte; integendeel daar de technische en functioneele problemen, die toch per slot van rekening in elke opgave schuilen, hem niet klaar voor den geest stonden, kwamen er bij het nastreven van vorm- of stijlverlangens, moeilijkheden en complicaties voor den dag, die wellicht niet minder zwaar waren dan de problemen die wij thans in onze opgaven ontdekken en ons bewust en systematisch stellen.

Maar de onbestemdheid der eigenlijke opgaven heeft gemaakt dat de architect een groote speelruimte kreeg voor zijn aesthetische verlangens en dat hij, hetzij door di-