is toegevoegd aan uw favorieten.

Het witte doek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op een Zondagmiddag las Maleen aan tafel een overdenking voor uit de krant.

Er viel niets te verduidelijken omtrent den eenvoudigen tekst, maar — haar keel was als dichtgesnoerd....

Emy zag, dat er met Moesje iets was, — dat ze wellicht 't liefst alleen gelaten wilde worden. — Daarom troonde ze Katja mee naar buiten en nam ook Josje mee.

„Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve", zoo luidde de tekst, waarover de overdenking handelde.

„Indien wij onze zonden belijden.... Ja, indien....! Als het daartoe maar komt. En daartoe zal het moeten komen, want zonder belijdenis geen vergeving, stond er.

„In 't hart, waaruit geen zonde-belijdenis opwelt, is voor zondevergeving geen plaats. Eerst dan, wanneer de met zondedrank gevulde beker des harten voor Gods aangezicht is leeg gegoten, kan God dien harte-beker vullen met den parelenden wijn van Zijn vergeving."

Zoo ging de overdenking voort, woord voor woord waar. Over het algemeen, theoretisch, belijden van schuld, waarmee God, de Eeuwig-Rechtvaardige, geen genoegen kan nemen. Over den machtigen tempel van Gods gerechtigheid, welks wijde gewelven gedragen worden, hoog en plechtig, door de zuilen van Gods wet. Over de Goddelijke trouw, waarmede Hij de rekening vereffent van allen, die voor Hem schuld belijden en die Hij aanziet in Jezus, Zijn zoon, op Wien Hij de straf heeft gelegd uit liefde voor een onwaardig geslacht.

Zooals door een betaalde rekening wel een kruis wordt gezet, zoo ligt onze rekening in Gods boek onder het kruis. En God is rechtvaardig. Nooit, nooit komt Hij op die rekening terug.

Met de handen voor de oogen gedrukt, bleef Maleen zitten — hoe lang wist ze niet.

God opende haar hart, waaruit al het donkere en leelijke naar boven kwam, zoodat ze in wanhoop het hoofd boog.

Maar God was ook de Getrouwe. Hij liet haar niet los, hoezeer zii zelf ook genooed had aan Ziin vasten green te ontkomen.