is toegevoegd aan uw favorieten.

Amok...

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weer in de voorgalerij van zijn woning. Het is een prachtige Indische nacht. De maan giet haar zilveren licht over de zachtjes wuivende kruinen der klapperboomen. In de schaduw van een zwaar in het blad zittende djamboe voeren de vuurvliegjes zweefdansen uit, de krekels tjirpen hun melancholisch nachtgezang en een tokkeh 1) roept eentonige liefdesklachten naar een wijfje, dat op een muur achter vette tjitjaks aanjaagt. Deze laatste bezigheid is eigenlijk heelemaal niet romantisch, maar ook in een Indischen nacht mengt zich het proza in de poëzie van het leven. Zelfs bij Wim Hoogerbeets. „Een belangrijk onderhoud gehad met den baas," zegt hij.

„Vandaag?"

„Ja — toen jij met Non in de voorgalerij zat."

„Wat is er aan de hand?" vraag ik, als Wim even zwijgt en, als in nadenken verzonken, in den Indischen nacht blijft staren.

„Zal ik je vertellen," antwoordt hij, zich met een ruk weer in de werkelijkheid plaatsend. „Je weet, ik zinspeelde er vanmiddag op, dat de baas zijn best zou doen, mij later tot fabricatie-chef te doen benoemen?"

„Jawel."

„Nu, er is kans, dat de tegenwoordige al spoedig administrateur wordt van een der Vorstenlandsche fabrieken. — Er is daar een administrateur, die zich onmogelijk gemaakt heeft door een perkara 2) met een paar Djocjasche prinsen. Hoe de zaak in elkaar

1) tokkeh = grootere hagedis.

2) perkara = kwestie.