is toegevoegd aan uw favorieten.

Moeder ik sterf

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij had niets gezien van het relletje. Dit hoefde het officieel verslag niet te ontsieren, en den gouverneur in de verte niet te ontstemmen.

De resident groette Visiri hoofsch, en zette zich neer

tusschen beide partijen. Heel zijn houding gaf aan, dat

de zaak haast had, en naar zijn wil snel en zonder omslag

moest worden afgehandeld.

„Alles in orde?" vroeg hij aan den secretaris.

Deze boog.

„Alles is gereed; alleen Kashi zelf heb ik niet kunnen ontdekken."

Met 'n ruk keerde de resident zijn gezicht naar Kashi's groep.

„Waar is Kashi?" vroeg hij op hoogen, wreveligen toon. Stilte.

Donker, toornig rood vloog over 't gezicht van den resident.

„Waar is Kashi!" donderde hij. „Ik heb uw hoofdman Kashi bij mij geroepen, en hij is niet gekomen!" Een van Kashi's mannen trad naar voren. Hij legde de rechterhand op de borst, klapte dan in de handen en wreef herhaaldelijk met de duimen over de wijsvingers. Hij groette.

„Kashi, heer, is in zijn kamp gebleven."

't Antwoord kwam kortaf en weerbarstig. De blanke heer had gevraagd, en kon een antwoord krijgen. Dat was alles.