is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Thuis zat de kleine Stephan stilletjes in zijn wiegje of op den grond, omringd door aller zorgen. Zijn broer en zusjes zetten speelgoedbeestjes voor hem op, bouwden torens van blokken, wierpen ze met veel lawaai om en voelden zich al overvloedig beloond wanneer hij er om lachte. Als hij een enkelen keer eens even huilde, schoot er van alle zijden hulp toe. Maar hij huilde niet vaak.

Aan de hand van zijn beide zusjes ondernam hij zijn eerste stappen door de kamer; Maria wachtte hem met uitgebreide armen en glinsterende oogen op. Georg keek glimlachend toe - hij kon voldaan zijn over wat hij bij Maria had bereikt.

Zij was totaal geabsorbeerd door haar kleinen Stephan. Gebeurtenissen, die haar volgens haar natuur diep hadden moeten schokken, schenen nu nauwelijks tot haar door te dringen. Wat gebeurde er allemaal voor vreeselijks in dezen winter 1 Josef verzuimde op een morgen plotseling den dienst en bleek, met niets dan een handkoffertje bij zich, eenvoudig te zijn vertrokken, voor Trudi slechts een pathetisch afscheidsbriefje zonder adres achterlatend; toen men op het station informeerde, vernam men pas, dat hij een kaartje naar Weenen had gekocht. Het nieuws van Josef's verdwijning scheen zoo verbluffend, dat niemand het in den beginne gelooven kon; ieder voorspelde Trudi, dat hij wel binnen enkele dagen zijn vergissing zou hebben ingezien. Maar Trudi, wezenloos voor zich uit starend, schudde het hoofd: haar man zou nooit bij haar terugkeeren. De verontwaardiging op het kasteel en de boerderij steeg nog toen bleek, dat Trudi in gezegende omstandigheden verkeerde. Het was stellig niet verstandig van haar geweest, maar ze had Josef's stijgende onrust gevoeld, eigenlijk al van den dag af, dat hij voor de begrafenis van de keizerin mee naar Weenen was geweest; hij leefde sedertdien maar naast haar voort, met zijn gedachten steeds ver weg... en toen had zij, ten einde raad, gedacht, hem op zulk een wijze misschien nog aan zich te kunnen binden. Het had echter juist het tegenovergestelde gevolg gehad: het vooruitzicht van zijn vaderschap had een paniek in hem veroorzaakt en hem tot de vlucht doen besluiten.

Georg liet door de politie naar Josef speuren en had spoedig zijn adres. Hij schreef hem, dat hij terwille van Trudi en van het kind, dat geboren ging worden, bereid was om het gebeurde te vergeten en hem nog weer in dienst te nemen. De majoor ging daarbij van het vaste vertrouwen uit, dat Josef zijn onbezonnen daad reeds lang zou berouwen. Maar Josef, hoewel geheel overspannen door het verschijnen der politie, nam een besliste hou-