is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgenden morgen haar voornemen aan Angélique kon meedeelen en hoe weinig het haar deerde, dat deze er haar aanvankelijk van scheen te verdenken, haar verstand te hebben verloren.

„Heb je daarom von Hagel soms afgewezen?" liet Angélique zich in haar verbijstering het eerst ontvallen.

„Neen, om andere redenen. Maar nu je juist van hem spreekt: dat ik hem heb afgewezen, heeft het mij gemakkelijker gemaakt, Toni te aanvaarden."

Angélique staarde haar aan. „Om op mijn beurt óók eens een oogenblik grappig te zijn: is het de bedoeling, dat hij hier dan op Maria-Licht komt wonen, of denk jij bij hem in de boerderij te trekken?"

„We hebben nog geen détails besproken, maar ik geloof, dat ik zijn beslissing in deze kwestie wel raden kan."

„Hoe dan ook," viel Angélique uit, haar woede plotseling niet langer beheerschend, „als je maar weet, dat ik hier niet blijf."

Liesbeth voelde een weeë pijn; zij trachtte het niet te laten blijken en vroeg slechts, zachter: „Tot nu toe was ik het van ons tweeën, geloof ik, die te veel adeltrots en te ouderwetsche denkbeelden had?"

„Ik heb nog genoeg trots in me om hier tegenover het personeel niet belachelijk te willen zijn."

„Niemand zal hier lachen. Ze houden van hem - allemaal. Ze respecteeren hem..

„Dan vrees ik toch nog, dat ik zelf mijn lachen niet zal kunnen houden." En toen Liesbeth zwijgend, met vreemd opgetrokken wenkbrauwen een anderen kant uitkeek, beet ze haar nog toe: „Gelukkig voor je, dat papa hiervan niets meer te weten komt!"

„O, dat papa niet alles meer begrijpt, heb ik den laatsten tijd al vaak als een geluk beschouwd." Liesbeth vond het hiermede genoeg en liet haar zuster staan. Ze wilde vlug haar gewone ochtendbezigheden verrichten en dan naar het veld gaan, waar ze Toni aan het werk wist.

Angélique, alleen aan de ontbijttafel achtergebleven, kon nog altijd niet gelooven, dat Liesbeth werkelijk ernstig gemeend had wat ze haar daareven was komen vertellen. „Ze is stapelgek," herhaalde ze zacht en opgewonden bij zichzelve en betrapte er zich tegelijkertijd op, dat er achter haar drift een geheime afgunst stak op Liesbeth's rustige vastbeslotenheid van daareven, op haar onbegrensden moed, den jeugdigen glans, die haar moegeschreide oogen plotseling verhelderd scheen te hebben. Zij haalde zich Toni voor oogen en besefte voor het eerst, dat hij zich als uiterlijke