is toegevoegd aan uw favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rook gemengden, walm van zijn klobot in het gezicht blazend, gooide hij er kwaad uit:

„Dacht jij soms rijk te kunnen worden van de centen van ons contracthonden ?"

Wit van drift vloog Valenteijn op:

„Zwijg! Oppas, hier haal dien man weg!"

Maar de politie was niet vlug genoeg, omdat zij zaten te ginnegappen over de merkwaardige vertooning van al die mooie uitgedoste Europeanen, waarvan zij met onfeilbaar instinct direct de bedoeling hadden begrepen. Zoodat Kariman nog volop gelegenheid had den controleur te vertellen wat hij van hem dacht. En dat was niet veel fraais.

Valenteijn had zich vergeten, met de vuist op tafel geslagen, gevloekt, Kariman voor vuilen hond uitgescholden, de politie opgedragen den man te boeien en hem veroordeeld tot tien rottanslagen.

„Man," vertelde Helmer, vol pret over het zoojuist beleefde, „je had het mee moeten maken. Het was geen vertooning. En toen de volgende man voorkwam met Cok als getuige, vroeg hij hem of dat ook zoo'n brutaal stuk vreten was. Nu moet je weten, dat deze vent den vorigen keer vrij kwam met de opmerking, dat het niet netjes was om gereedschap weg te maken met het gevolg, dat hij zeker wel tien patjols gegapt heeft en verkocht aan een paar Maleiers. „Neen," zei Cok met een uitgestreken smoel, „deze is nog een graadje erger, want met zijn gedrag heeft hij aangetoond, dat u hem zou hebben toegestaan gereedschap te gappen." Valenteijn snapte het eerst niet erg goed, maar toen het tot hem door was gedrongen, jonge, wat was hij toen weer kwaad. En zoo ging het door, het regende dagen, alsof het zoo niets was."

Maar Fetter was heelemaal niet zoo erg enthousiast over het geval, want daar kwam narigheid van, van die rottanslagen. Daarmee was Valenteijn in zijn hevig gekwetste ijdelheid wel heel erg ver buiten zijn boekje gegaan.

„Lui," had hij gezegd, „over dat geval wordt gezwegen. Anders is Valenteijn de sigaar. Het is tenslotte heelemaal niet zoo'n kwaaie kerel en dus hoeven wij hem de das niet om te