is toegevoegd aan je favorieten.

Het begon met Napoleon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BEGON MET NAPOLEON

eigenaardig lachje Bunt's mondhoeken, wanneer hij alles zoo eens overdacht.

Maar nu kon hij Vermeer natuurlijk niet langer ontloopen en hij trof hem gelijk gezegd, in een blijkbaar zeer ongewone stemming.

Bunt zei maar niets meer en ging voor zijn bureau zitten, begon een beetje werktuigelijk en volmaakt doelloos de brieven en bescheiden te verleggen, welke zich op het schrijfvlak van zijn bureau bevonden.

Achter hem stapte Vermeer maar steeds heen en weer, hoestte soms wat nijdig en schreeuwerig scherp, blies groote rookwolken uit zijn pijp.

Een agent van de wacht trad binnen met een blaadje, waarop twee koppen koffie stonden, één kop zette hij op de schrijftafel van Vermeer, de andere op het bureau van Bunt.

„Asjeblieft, heeren".

„Dankje Veldman", zei Bunt.

Vermeer zei niets; de agent vertrok weer met het leege blaadje.

Doch hetzij dat Vermeer nu juist aan het einde was gekomen van zijn blijkbaar zwaar-sombere overpeinzingen, hetzij dat de opwekkende geur van de koffie die overpeinzingen plots in een andere richting had afgeleid, in ieder geval verbrak Vermeer nu toch het waarlijk zeer drukkende stilzwijgen; hij staakte zijn ge-ijsbeer, trad naar zijn schrijftafel, nam den kop koffie op en zei:

„Bedonderd weer, hè?"

Bunt schrok er van.

„Bedon... ? O... Och, het schikt nogal meneer „Vermeer. Een beetje winderig."