is toegevoegd aan je favorieten.

Tweesprong

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lichten schommelden er dwalend tusschen door, daarnaast schoten felle stralen van koplampen op.

Rouke liep maar stil waar te nemen, wat hij hoorde en zag. Zijn beide metgezellen spraken over alles wat er te zien viel, zij waren heel den dag bij deze dingen betrokken, het liet hun geen oogenblik meer los. Rouke luisterde stil toe, veel nog niet begrijpend van dit geheele leven aan den waterkant. Zij kwamen na een goed kwartier bij de veerboot. Het was een korte tocht, in deze weinige minuten zag de jongen in een enkel beeld dit havengedeelte aan zich voorbij glijden : de kade met de hooge palen van den aanlegsteiger voor de ferry, de groote loodsen voor het vrachtgoed van de lijn, met de huizen erachter op den wal, de silo's en de opslagplaatsen als massale, grijze steenklompen tegen den donker wordenden hemel aan den Oostkant. Een mailstoomer stak met pijpen en stengen scherp af tegen de lucht, de lichten op het bovendek brandden hier en daar, een hijsch balen schommelde van den kant af omhoog en verdween in een der ruimen. Verder was het er stil ; in dit snelle voortschieten van het bootje, hoorde hij het water zachtjes opklotsen tegen boeg en flanken.

Op het Noorder-eiland bekeken zij eerst den winkel van Van der Lugt ; het was er donker en den indruk, die Rouke ervan kreeg was niet bijzonder gunstig. In zijn eersten ijver om ook iets voor Elsje te kunnen doen, had hij zich voor zulk een aanbod als dit, wel iets beters en aantrekkelijkers voorgesteld dan de verve-