is toegevoegd aan uw favorieten.

Blank om zes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

steldheid en zal niet aan tafel komen. Haar naam . . ."

Op dat oogenblik begon er in de gang een welluidende pijpgong te klingelen.

„Meneeren," sprak meneer Vignol, terwijl hij meteen opstond. „Op deze wijze worden op de Doornenburg de maaltijden aangekondigd. Mag ik U maar even voorgaan?"

De eetkamer was niet groot, maar hoog en licht, zooals al de vertrekken op de Doornenburg en had ook weer het uitzicht op een fraai gedeelte van het Park.

De tafel stond gedekt voor acht personen.

Toen de zes leeraren, voorafgegaan door meneer Vignol binnentraden, bevond zich in het vertrek nog niemand anders dan Dirk, die nu een lakensch jasje droeg met zilveren knoopen, terwijl hij witte handschoenen had aangetrokken.

Het zestal stond nog even wat onzeker bij elkaar, toen de deur andermaal open ging en daar een slank jong meisje naar binnen trad van een waarlijk opvallende schoonheid.

Ze had dat kastanjebruine haar, hetwelkjde Engelschen zoo bewonderen, en dat op een Keltische afstamming wijst en om der wille van de zeldzaamheid zoo veelvuldig wordt geïmiteerd door haarverven, welke echter al heel spoedig in een viezig vlekkerig rood uiteen plegen te vallen. Doch hier was de natuurlijke kleur een Rembrandtiek roodbruin met gouden glanzen in de golven.

Het gezichtje was volkomen in den stijl van dat haar: matblank, zonder dat het een indruk van witheid gaf; het was gevuld met even de aanzetting van een perzikblos op de wangen, de oogen waren bruin en helder, doch werden nu en dan gefloerst door de lange omgebogen wimpers. De neus was tamelijk forsch en recht, de mond vrij groot met gezond-roode volle lippen zonder eenig