is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooverlantaarn

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar dan allengs begint toch het nieuws als een krinkelend, giftig slangetongetje zich voort te bewegen over de kermis. Het hitst en sist en fluistert. Het buigt zich langs wonderlijke kronkelwegen. De juffer... die daar danst... met een schooier. Het dringt door tot in de versierde zaal van „Het Hof" en doet de monden openvallen van de daar in alle kalmte kermis vierende élite. Het dringt tot in de dronken ooren van Billeman, die een stroom van de liederlijkste scheldwoorden uitbraakt en zijn trillende hand zoo stijf om het glas klemt, dat het breekt en hem bloedend verwondt.

Ook dit... de stomdronken... de straalbezopen Billeman is een schouwspel, dat men gebannen aan blijft zien over dat ledig heen, dat zich automatisch vormt om den onmaatschappelijke.

Dan beginnen toch verscheidene van deze mevrouwen en meneeren, die zich anders zoo laat nauwelijks nog in het tumult van de kermis wagen, zich naar buiten te begeven. Dan scharen ook zij zich in den wijden kring van toeschouwers rond den dansvloer van „De Blauwe Engel" en zien het griezelig-

ongehoorde aan de juffer... die daar danst— met een

schooier...

Een wonderlijke verlorenheid is deze dans, waarin hun voeten vanzelf de arabesken trekken, die als wellustige, diepkleurige bloemen zijn, gegroeid in een zuidelijk land. Tot Floortje in een moment van bovendrijven uit den droom, als de muziek langer dan gewoonlijk zwijgt, dien kring van toeschouwers zich bewust wordt... de strakke, intense aandacht van al die oogen.

— Laten we weggaan —, zegt ze. — Kom mee. —

Tooverlantaarn. ^