is toegevoegd aan uw favorieten.

Alles komt terecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik heb nu weer met de moeder van Rapallo lang gesproken. Neen, zij heeft lang gesproken. „St! St!" deed zij af en toe, te midden van haar alleenspraak, waarin zij Schubert, de zwarte bessen van een struik, die op de vlier leek, en de jongensjaren van haar Jules mengde. Zij was begonnen met zachtjes te snikken, doch haar verdriet was in een stillen triomf overgegaan: — „Niemand mag er bij." Zij heeft gezegevierd over al wie haar altijd haar eenigen jongen hebben afgenomen. Stel u voor, dat hij na het ongeluk heeft gevraagd in het huis van zijn moeder verzorgd te worden! Zij heeft er zijn vrouw altijd van verdacht haar te hebben belet bij haar zoon in te wonen. Zijn hart heeft nu duidelijk gesproken. Zij kan nu Des Madchen Klage niet zingen, maar de exotische boomen zijn zoo wonderschoon in den Herfst... „St! St!" Hoort zij Jules soms? Is hij wakker? Jammer, dat zijn vrouw hier nu zoo dikwijls komt. Maar het zal lang duren. Natuurlijk is 't erg. Er is geen middel om te weten te komen of dat moederzorg is of hoop, want in haar beklag is er een groote verteedering. Zoo wordt zij ook door weemoed en geluk overstelpt, wanneer zij het een of ander lied van Schubert moet onderbreken. — „Kom gerust informeeren. Jules zal zoo gelukkig zijn als hij van uw belangstelling hoort. St! St! Maar nu mag er nog nie-