is toegevoegd aan uw favorieten.

De koets

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar zaten zeven kikkertjes Al in een boerensloot.

De sloot was toegevroren En de kikkers gingen dood!

Trok toen ineens het paard aan? Of gleed de koets door eigen zwaarte naar dieper water?

„We glijen!"

„We zinken!"

„Help!"

„Water!!"

„Bas! Bas! We gaan er onder! Help!! Help!!"

„Straks rijen we wel verder," grinnikte Chris, half slapende. En hij wou nog wat grappigs zeggen, maar 't lauwe weteringwater vulde zijn mond, zijn longen.

In de wegzinkende koets van Johan Pavoordt, waar een zeer bedronken koetsier op zat, verdronken plotseling vier leden van De Gebakkene Waterbaars, die zich niet snel genoeg uit de portieren los wisten te werken.

Maar Bas van 't Hoog dreef met de leidsels in de hand van den bok af. 't Wordt nou geloof ik meenens voor m'n volk, warrelde door zijn verstand, dat dit alles nog maar niet goed bevatten kon. Hij wrikte zich met de armen naar den dijk en trok zijn nat lijf op het droge. De koets zakte verder, naar 't midden van de Kerkwetering. Hij zag het onstuimige rukken van het paard nog even, ook nog den kop, van 't in den bagger vastgezogen dier, een menschenhand net of die wuifde, maar dat was het laatste. Dan dreef in de