is toegevoegd aan uw favorieten.

De koets

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Juist, Peter en zoo verwachtte ik het ook. Maar ze kosten werkelijk achttien stuiver 't stuk."

„Wat?"

„Je hoort het, Peter. Je hebt een gulden tachtig betaald en 't geld komt dus uit. Maar je hebt drie snoeischaren gekregen en je had maar recht op twee. Ik miste er een, die mis ik nog."

„Dan zou Dina jou begappen, juffrouw Aaltje? Ik ga haar direct halen om uitleg. Waar is ze?"

„Er van door, Peter. Misschien thuis, misschien weg. Ik heb haar den zak gegeven. Voor hoeveel heb jij die scharen verkocht?"

„Achttien stuivers per stuk, juffrouw Aaltje."

En toen zei dat mensch: „dan kan ik je achteraf ook geen achttien stuiver meer berekenen en ik zet er een kras door. Maar van nou af kosten ze achttien stuivers."

„En mag ze dan weerom komen in de zaak?"

„Nooit! Geen dievenmeiden! Waarom zou ze dat gedaan hebben, Peter?"

„Heeft ze 't wel gedaan?" vroeg ik, want ik kookte van binnen en had heel de rataplan daar boven wel in elkaar willen stampen.

„De verkoopsbonnen liegen niet," zei ze droog en daarin moest ik haar gelijk geven. En weer vroeg ze me, waarom Dina dat wel gedaan kon hebben. Dat lag zóó voor de hand, dat ik zei .... „daar hoeft toch zeker geen antwoord op, 't is klaar als de dag."

„Juist, Peter, dat deed ze om jou te helpen. Jij wil weer in een schuit, waar? Net als je vader zaliger. Die heb ik goed gekend."