is toegevoegd aan je favorieten.

De radioclub

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zucht liet hij zich in ’t gras ploffen, welk aanlokkelijk voorbeeld onmiddellijk werd gevolgd door Piet en Bertus.

„Pfff!” blies de laatste, „dat is gelukkig voor elkaar! Is dét werken!”

„Nou,” beaamde Piet, „vooral die snert-antenne! Daar werk je je aan in ’t zweet!”

„Enfin, we hebben nog een half uur, om uit te rusten,” zei Kees, terwijl hij op een strootje kauw-

de. .

Ze zwegen alle drie, en lagen op hun dooie gemak naar de lucht te kijken.

Werkelijk hadden ze flink doorgewerkt, om de boel in orde te krijgen. Eerst hadden ze gegeten en daarna in een half uur de tent opgezet en de radio-installatie geplaatst, behalve de antenne. Die had natuurlijk weer de meeste tijd in beslag genomen. Maar ze hadden het toch gedaan gekregen, om binnen de drie kwartier geheel gereed te zijn, zodat ze nu welverdiend konden rusten.

Kees blies met een vaart het strootje uit z’n mond.

„Ziezo,” zei hij, „en nu maar wachten op het „tijdsein van half acht!”

Ondertussen zwoegden Karei, Gerard en Dirk, om de antenne opgesteld te krijgen. Het bleek toch wel, dat dat werkje de meeste last veroorzaakte. Zoals altijd, duurde het afrollen van de grote bos draad natuurlijk weer het langst. Het zweet stond Dirk op het hoofd, toen hij de lange draad afwikkelde. Eindelijk was dat gereed en Karei nam het werk over. De draad werd aan het paaltje bevestigd, de laatste verbinding aangebracht en ze waren klaar.

„Hè, hè,” zuchtte Dirk, „je zou er mager van worden.”