is toegevoegd aan je favorieten.

Jongens van de evenaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOE TEDDY HAAST ZIJN ORGELTJE VERLOOR.

zij dus geen vrees er voor behoefden te koesteren. Ook voor de tovenaars moesten zij niet bang zijn. Wanneer die hen iets wilden doen, dan moesten zij het maar aan Teddy zeggen en dan zou die wel eens een hartig woordje met hen gaan spreken.

Op een dag kwam een van de knapen, Sino geheten, op school om te zeggen, dat hij weer naar huis moest. Sino kwam uit een dorpje in de buurt van Djoegoe, waar Jaho medicijnmeester was. Die had gezegd, dat hij niet meer naar de school van den witten tovenaar mocht. Als hij het toch deed, dan zou Sino gestraft worden.

„En waarom mag je niet meer komen?" vroeg Teddy.

„Jaho heeft mijn vader verteld, dat u gekomen bent om de heilige draak Epko te verjagen en als die weg is, komt er een groot ongeluk over ons dorp."

Teddy zei eerst niet veel en dacht er over na. Toen zond hij Sino naar zijn vader terug en beloofde over een poosje eens op bezoek te komen om naar de heilige draak Epko te kijken. De volgende dag kwamen er weer een paar jongens met zo'n boodschap. Zij hadden het eerst niet durven zeggen, maar alle tovenaars in het bos waren boos op masta Teddy en wilden niet, dat zij nog langer naar school gingen. Teddy begon het nu wel te begrijpen. Hij sprak er met zijn vriend Jan over, die besloot naar den gouverneur in