is toegevoegd aan uw favorieten.

De mythen van Griekenland en Rome

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XX. PERSEUS.

Acrisius en Danaë.

HET leven van Acrisius, den koning van Argos, was hem tot last geweest van den ongelukkigen dag af, waarop het orakel voorspeld had, dat hij door zijn kleinzoon zou worden gedood. Vóór dien tijd had de koning zeer veel gehouden van zijn eenig kind, Danaë, en tot dat oogenblik had hij ook met trots gedacht aan den tijd, waarop hij haar ten huwelijk zou geven aan den edelsten van allen, die naar haar hand kwamen dingen.

Van nu af aan waren al zijn plannen gewijzigd, en was het zijn eenige wensch geworden, haar ongehuwd in zijn macht te houden, — een tamelijk moeilijke taak, daar de maagd bijzonder lieftallig was, en Acrisius wist, dat de listige Liefdegod wel een middel zou weten te vinden, hem te verschalken en zijn plannen te verijdelen. Na ernstig te hebben nagedacht, besloot Acrisius, zijn dochter in een metalen toren op te sluiten, waar omheen hij wachters plaatste, om te beletten, dat iemand de gevangen prinses zou kunnen naderen.

Maar hoewel Danaë veilig voor de oogen der menschen verborgen was, werd zij toch duidelijk gezien door de onstei felijke goden; en Jupiter, van den Olympus neerziende, nam haar waar in al haar lieftalligheid en in haar treurige verlatenheid. Zij was boven op haar metalen toren gezeten, haar oogen peinzend naar de stad gericht, waar de andere meisjes van haar leeftijd van haar vrijheid genoten, en het recht hadden te huwen, zoodra zij dat wilden.

De Gouden Regen.

Daar Jupiter medelijden had met haar eenzaamheid, en haar schoonheid bewonderde, besloot hij neer te dalen en zich een oogenblik met haar te onderhouden. Ten einde te vermijden, dat hij gezien werd, veranderde hij zich in een gouden regen, en daalde kalm op den toren naast haar neer, waar zijn tegenwoordigheid en zijn opgewekte ge-