Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schrijven; met een paar woorden deelt hij den resident nog het bericht mede van de overrompeling der bezetting te Bondjol. Op hun beurt hebben de officieren Setro uitgehoord, maar geen bizonderheden meer vernomen. Krieger sluit de brieven en gaat naar

buiten.

„Is Abdelkader daar?"

„Present, overste!"

„Zijt ge gereed om op niarsch te gaan?

„De manschappen staan aangetreden; ik ben gereed.

Gij hebt geen gemakkelijke taak te vervullen," spreekt hij den soldaten toe. ,,'t Hangt nu van u af, of wij het hier uithouden en uwe vermoorde makkers spoedig gewroken worden. Hier zijn e brieven, Abdelkader! Komen die niet te recht, dan staan wij hier alleen tegenover duizenden, en — gij weet het er is voor geen twee dagen te eten. Doe uw best om den vijand te ontwijken; is dit onmogelijk, sla er dan doorheen en spoed u naar het hoof -

kwartier. En nu afgemarcheerd.

Zeiler de trouwe oppasser van Krieger, en de Boegineesche bediende van luitenant Bouman, die beiden van de gelegenheid willen gebruik maken om in eenige behoefte hunner meesters te voorzien,

sluiten zich bij de patrouille aan.

Een half uur verloopt er. Toen rapporteert de kommandant der wacht, dat er geweervuur gehoord wordt in de richting van den weg door Abdelkader ingeslagen. Krieger spoedt zich naar en schildwacht op het hoogste punt geplaatst in de nabijheid van den kampong, en luistert oplettend . . . Ja, waarlijk! hij onderscheidt duidelijk de zware schoten uit de padriesche lontgeweren van dien der buksen. Abdelkader is gezien en aangevallen! Zal 't hem

gelukken zich door te slaan?

In die spanning duurt iedere minuut een eeuw. Nu en dan hoort

men nog een enkel schot vallen, maar 't schijnt telkens dichter bij.

Sluiten