Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»

die zelfs en met haar de moedige verdediger, maar nogmaals richtte hij zich op en ook zijn lans en nogmaals versperde hij den Hollanders den weg — tot eindelijk een kogel den brave voor goed deed neertuimelen. De dappere — de man vol doodsverachting was gevallen.

Wij allen brachten hem in gedachten een saluut! Nu ging het voorwaarts ..."

Tot zoover de schrijver. — Ik weet, dat bij het lezen van dezen heldendood de bewondering meer wordt opgewekt voor het arme slachtoffer dan voor het even aarzelen van de infanterie, het misschieten, dat haast iets ongeloof elijks is, waar de aanvaller twee bataljons sterk en het mikpunt één man is. Maar toch is voor mij dat aarzelen, dat huiveren een blijde boodschap voor den nieuwer en tijdgeest ... en het is ook tijd om ónze lans op te heffen tegen alle gruwelen, die er in naam van het „Recht" geschieden! O, wij zijn ook nog maar als één man, als één waker voor de poort. We schijnen nu nog maar een kleine kracht tegenover hen, die „wereldvrede" als een utopie beschouwen ... maar er zijn er toch, die huiveren, die aarzelen, om dien enkelen waker zoo maar neer te schieten ...

Onze lans moeten we omhoog heffen en telkens weer, evenals de Baliër, om het recht van den mensen op vrede, te helpen verdedigen — om niet alleen te verhoeden, dat er gemoord en vermoord wordt, maar dat het nobelste en mooiste in een menschenziel verwoest wordt „eerbied voor het leven van een ander".

Ik weet wel, dat dit moeilijk is. Die kleine Oostersche vorstjes zijn dwingelanden, uitzuigers van hun volk en als ze niet naar redenen willen luisteren, dan moeten zij gestraft

Sluiten