is toegevoegd aan uw favorieten.

"De groote Oost"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nog vele andere, geheele gladde palen vóór het lange huis op, palen die eindigden in lange, zeer dunne spitsen. Ik heb mij door een bestuursambtenaar laten vertellen dat die palen dienden om den geesten van gestorven familieleden het opstijgen ten hemel te vergemakkelijken en dan zouden ze dus een soort van zieleladder kunnen worden genoemd.

Het heele huis, dat eigenlijk een families t r a a t is, staat natuurlijk op palen, naar mijn schatting wel een meter of zes hoog en vóór elke afzonderlijke woning (maar die dus vastgebouwd zit aan haar buren links en rechts loopt een soort van overdekte en aan den voorkant afgesloten „verandah", op dezelfde hoogte als de woningen. In den voorwand van die „verandah" („voorgalerij" zou men 't noemen bij een gewoon Indisch huis, maar die voorgalerijen zijn niet van voren gesloten zooals deze was) zijn hier en daar openingen (ik meen mij te herinneren: op vier plaatsen) en daarheen klimt men op, van buiten af, over een schuin gelegden boomstam waarin holten bij wijze van treden zijn gehakt en waarlangs rotan leuninkjes loopen (bij dit huis althans; er schijnen er ook te zijn met boomstammen zonder leuningen!) Het beklimmen daarvan was niet zoo erg bezwaarlijk en toen wij boven kwamen, aan het eene einde van het huis, kregen we eerst goed den indruk van een straat maar dan natuurlijk van een overdekte straat. Vóór ons, in de lengterichting van het huis, strekte zich immers de heele „verandah" in zijn volle lengte uit; aan den eenen kant was de gesloten voorwand van deze verandah-straat, aan den anderen waren de openingen die toegang gaven tot de woningen. Hoeveel woningen er waren, weet ik niet meer, ik geloof een stuk of dertig, maar ik ben onderweg den tel kwijt geraakt doordien we zoo moesten oppassen dat we niet trapten in gaten en spleten van den, hier en daar uiterst wrakken, verandahvloer. Enkele van die woningen zijn we binnen gegaan; ze waren alle van een onbeschrijflijke schamelheid. Huisraad was er, behoudens eenig kookgerei, natuurlijk in 't geheel niet; een paar slaapmatjes lagen op den grond en er hingen, aan den zolder, bossen zonderlinge dingen: