is toegevoegd aan uw favorieten.

Proza, 1837-1845

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lieden uit de scliuilhoeken een er bibliotheek te voorschijn, en luistert, luistert, luistert! Maar de titels boezemen u weerzin in — vlugschriften maken geene letterkunde uit alles is doorééngehaspeld, boert en ernst, het vreemde en liet inheemsche, de godsdienst, de regtsgeleerdheid en de staatkunde. Er ontbreekt niets aan den vijf-en-negentiger dan eeno ziel; daarom grijpt de verveling der woestijn, de hoofdpijn der koorts u aan, zoo dikwijls gij u op die zandzee inscheept. Wat zeggen enkele fraaije verhandelingen, eenige weinige uitmuntende lierzangen, in den hoop te vinden, tegen die walgelijke lasterschriften, die droeve verspillingen van talent ? Laat 11 de L a n t a arne n van doctor van Woensel brengen zoo gij slapen wilt eer gij de almanakken hebt uitgelezen. Om uwe geeuwspieren in lachspieren te verkeeren, wil ik de volgende fraaije plaats voor u afschrijven, uit een verslag van de plechtige volksfeesten binnen Amsterdam gevierd bij gelegenheid der illuminatie, enz. enz.

,Jammer is het ondertussclien, dat de illuminatiën over het algemeen niet aan de verwachting beantwoordden, hetgeen grootendeels moet worden toegeschreven aan het ongunstig weder, want het woei vrij hevig: grootendeels zeg ik; want er werden, zoo men meende, gegronde bedenkingen gemaakt, of er niet wel oorzaak tot dat mislukken was gegeven, (hetzij dan schuldig of onschuldig): vele lampions, zegt men, vond men niet behoorlijk gevuld; in anderen zouden de pitkurkjes het onderst boven gekeerd geweest zijn; van vele anderen waren de pitten niet met terpentijn genat; wat hiervan de waarheid zij, dit is waar, dat men zich, desaangaande, niet weinig in zijne vleijende verwachting te leur gesteld vond."

O beuzelarij!

Doch indien wij niet geneigd zijn het liataafseh Gemeene-

J'rotn / 18