is toegevoegd aan uw favorieten.

Jeugd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op de canapé, zei Leida: „ik heb zoo naar je verlangd, wat heerlijk dat je nu juist gekomen bent."

„We hebben mekaar in zoo lang niet kalm gesproken, lieveling, 'k Heb m'n best gedaan flink te studeeren, want ik smacht er zoo naar, je heelemaal voor mij te hebben, mijn lieve lieverd."

Ze lag tegen hem aan, fluisterde: „ik ook, ik ook. o, wat zal dat toch heerlijk zijn!"

Hij zweeg even, in eens met een gevoel alsof hij toch verkeerd gedaan had, alsof hij zich schamen moest voor haar. Toen, aarzelend, heel zacht: „ik heb weer wat geschreven ook."

Maar zij lachte met iets als verheuging. „Heb je? mag ik 't lezen?"

„Ja ik heb 't hier... 'k kon 't niet meer uithouwen. Eigenlijk had ik 't toch niet moeten doen, maar van Staaren had me zooveel moed gegeven om die schets in Elsevier. O, kon ik toch maar, kon ik maar!"

't Klonk als een smartkreet; nog nooit had hij voor Leida zóó zijn leed uitgezegd.

Hij leunde zijn hoofd tegen haar borst, zijn oogen waren nat van tranen, zijn handsn beefden. Zij streelde zacht zijn voorhoofd, kuste zijn haar, maar ze sprak niet.

In eens keek hij op: „Nee 't is laf," zei hij, „ik moet sterk zijn, want de prijs is immers jou bezit en jou geluk."

Nu in eens zei ze: „nee nee, doe je 't enkel om mij?" En nu alleen voelend haar liefde voor hem: