is toegevoegd aan je favorieten.

Jeugd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan was ze soms weer overmoedig vroolijk, dan sprak ze hoopvol over de toekomst. Maar hij viel haar dan dikwijls in de rede met ongeduldige woorden; hij wist niet, hoe ze was als ze alleen was, hij dacht, dat zij altijd maar geduld had, dat 't wachten haar niet zoo

zwaar viel als hem.

En ook was hij begeerig, haar zijn nieuwe levensovertuiging te geven, want alleen als zij t mee voelde, kon hun samenleven waarachtig vol gelukkig zijn. Maar 't was zoo moeielijk, haar te trekken uit de sfeer van denkbeelden, waarin ze was vastgegroeid, 't zou hem alleen gelukken als hij haar voorgoed bij zich had.

Ze zag wel de leelijkheid van de geldheerschappij, ze ging er zelf gebukt onder, maar ze kon niet het heerlijk stralende zien van een wereld, waarin dat ongelijke verdwenen zou zijn, ze kon ook niet gelooven dat de toekomst zou zijn aan het proletariaat, dat ze alleen zag als onbeschaafd, leelijk, ruw in zijn uitingen.

Guust was aan zijn nieuwen roman begonnen, eindelijk had de harmonie ervan ten volle in hem opgeklonken. Hij trok zich wat terug, om zich heelemaal te kunnen geven aan zijn werk. 't Was weer de vreugde, 't zalige geluk, en ook kwamen weer de .lagen van worsteling tegen onmacht, de neerslachtigheid als hij 't werk niet zoo groot, zoo goed zag worden als hij verwacht had, en dan weer 't geluk als t weer vlotte, als hij zag dat 't geheel toch goed werd, beter dan 't vorige, omdat dit gedragen werd door zijn heerlijk lichtend ideaal. Hij las 't weer aan Leida