is toegevoegd aan uw favorieten.

Mammon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T

den schuldenlast. Langzaam nam hij de bankbiljetten op, onverschillig bijna als iets dat hem bevolen werd; zijn hand zocht zijn zak .... plotseling eene hand zwaar op zijn schouder, en hard, toornig de stem van den patroon: „Telders!"

Tom schokte even, bleef onbewegelijk staan. De harde stem weer: „Wou je mij bestelen? ben je een dief geworden, jij, jij?"

Hamerend vielen de woorden op Tom, hij trok even de schouders samen, liet de bankbiljetten vallen. De patroon nam ze op.

„Ongeluk, weet je wel wat je gedaan hebt?" vroeg hij, zijn gezicht purperrood toen hij 't hooge bedrag der bankbiljetten ontdekte.

„Ik moest," zei Tom alleen, heesch de woorden uitstootend.

„Moest je? moest je mij bestelen? is dat het loon omdat ik altijd goed voor je ben geweest?"

Toen in eens barstte iets los in Tom, woeste toorn, die de onverschilligheid, de verslapping terugdrong, en wild viel hij uit: „Goed geweest, omdat u me zoo weinig salaris geeft, dat wij thuis sterven van ellende? U weet niets van ons lijden, u weet niet dat dit geld mijne moeder en zuster redden moest, u weet niets van den drukkenden last van geldzorgen. Ja, ik ben een dief, omdat ik moest, dat vervloekte geld kleefde vast aan mijn vingers, ik moest 't nemen, ik moest! ik moest!" schreeuwde hij, in zijne oogen

M