Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

David aan den wand te spietsen. De goede verstandhouding was geheel en al verbroken. In zijn eigen paleis zelfs, waar hij met Michal, 's konings dochter, die hif gehuwd had, woonde, was David voor de aanslagen van zijn schoonvader niet zeker.

2. In dezen tijd zien wij Jonathan, door innige en edele vriendschap aan David verbonden, als diens beschermer optreden. Dat de stem des volks David als troonopvolger begon aan te wijzen, kon aan de trouw van Jonathan niet schaden. Ilij bepleitte-zelfs Davids belangen bij zijn vader en was in alles diens voorspraak. Toen David eens op een feest bij den koning niet aan tafel verscheen, en Jonathan hem trachtte te verontschuldigen, ontstak Saul in groote woede en verweet hein zijn dwaze vriendschap voor den man, die hem in den weg stond om later op den troon te komen. En als Jonathan zich verdedigde, wierp Saul zelfs zijn speer naar zijn eigen zoon. Dit was voor Jonathan genoeg om David, die zich in de huurt verborgen ttield, met een afgesproken teeken te waarschuwen, dat hij, indien zijn leven hem lief was, vooreerst niet aan het hof moest verschijnen, doch zijn heil moest zoeken in de vlucht.

3. Langen tijd stonden Saul en David, die niet zijn aanhang door het land rondzwierf, gewapend tegenover elkaar. Eens had David gelegenheid te toonen, dat het hem niet er om te doen was den koning het leven te benemen. Saul zocht hem in de woestijn van Engédi en had zich op dien tocht vermoeid te slapen gelegd in den ingang van een spelonk. Toevallig had juist David met zijn manschappen achter in die spelonk een schuilplaats gezocht. Niet zoodra hebben de manschappen Saul bemerkt of zij dringen er bij David op aan, dat hij hem dooden zal. Wat was de gelegenheid schoon! Gaf niet Jahwe, zoo zeiden zij, aan David zijn vijand in handenV Maar David stond op, sloop naar de plaats waar Saul lag, en sneed in stilte, terwijl zijn hart klopte, een slip van diens mantel af. Hij kon er niet toe komen den koning eenig leed te doen, en als zijn mannen hem dat kwalijk

Sluiten